donderdag 25 juni 2020

scherf 23

Babylonisch Berlijn

Ik ben al een tijdje aan het kijken naar de zestien nog tot 1 november op VRT NU beschikbare afleveringen van de reeks Babylon Berlin van – onder andere – Tom Tykwer. Het is in meerdere opzichten een schitterende reeks. We krijgen een portret te zien van een stad in een epoche die zonder meer een van de allerinteressantste en allerspannendste van alle tijden moet zijn geweest. Als een stad ooit het epitheton ‘bruisend’ verdiende, dan wel het Berlijn van de jaren twintig van de vorige eeuw, zo lijkt me. Er heerste een vrolijke chaos (zoals enkele decennia daarvoor in Wenen een apocalypse joyeuse – zie hier); er was het morele vacuüm dat werd veroorzaakt door de nog verse oorlogsnederlaag; arm en rijk hielden zich door de aanwezigheid van heel wat dienstbare beroepen die nu verdwenen zijn zeer dicht bij elkaar op; criminaliteit en artistieke avant-garde liepen elkaar – door onder meer een bloeiende seks- en drugsindustrie – voor de voeten; de stad was enige tijd een broeihaard van ideologische gezindheden, een laboratorium van artistiek en sociaal experiment. We weten allemaal waar het op uitgedraaid is. Dat alles wordt in Babylon Berlin zeer accuraat geschetst. Alle elementen die een verhaal kunnen kruiden zijn aanwezig: revolutie, politiek gekonkel, misdaad, spionage, carrièrisme, seks, liefde, persoonlijke ambities, primaire instincten, hoogdravende theorieën, enzovoort. Het is te veel om op te noemen. De acteerprestaties – van onder meer de zeer bevallige Liv Lisa Fries – zijn buitengewoon. Er werd een meticuleuze aandacht besteed aan rekwisieten, kledij, decors. De muziekscore is opmerkelijk – niemand minder dan Brian Ferry werkte eraan mee.

En dan lees ik nu in Bekentenissen van een burger van Sándor Márai bladzijden die daar wonderwel bij aansluiten. ‘Nu de oorlog voorbij was, gaf Berlijn zich over, capituleerde voor de buitenlanders die gisteren nog vijanden waren geweest. Oplichters en smokkelaars domineerden het beeld, de stad stonk naar cocaïne en alcohol, maar achter die façade van vluchtige genietingen rijpten artistieke stijlen en werden filosofische theorieën bijgeschaafd. (…) de stad was geestelijk uitgehongerd, ze hongerde naar levensvreugde, stijl en nieuwe uitdrukkingsvormen. (…) De seksuele wanorde was opvallend. (…) De rusteloze stad was seksueel gezien een chaos. (…) Eigenlijk was die winter in Berlijn één onafgebroken gemaskerd bal, waar de dansende paren soms angstaanjagende maskers droegen.’ (288-290) En: ‘het nooit verflauwende elan en de hartstocht waarmee de stad naar evenwicht en geluk op zoek was; haar onvoorwaardelijke vrijheid van denken en vrijheid van meningsuiting en haar respectvolle en welwillende reactie op elk nieuw artistiek experiment. Dit alles maakte Berlijn gedurende een korte periode tot de interessantste en veelbelovendste stad van het naoorlogse Europa.’ (299-300)

200602

Tom Tykwer, Babylon Berlin (eerste twee reeksen), 2017-2018
Sándor Márai, Bekentenissen van een burger. Vertaling Henry Kammer, 2007