vrijdag 25 september 2026

vorig jaar 460

24 september 2025

(…)

*


(…) het wereldtoneel: Trump draait voor de zoveelste keer aan zijn lier. Na een flirt met Poetin (rode loper in Alaska, etcetera) maakt hij nu weer Zelensky het hof: Oekraïne kan met de hulp van Europa en de NAVO de verloren gebieden terugwinnen.
Il dit tout et n’importe quoi. Door verwarring te stichten en elke waarheid te ondermijnen, door met andere woorden willekeur te zaaien, versterkt de macht dezer dagen zichzelf. Het fundament onder het vertrouwen in de waarheid blijkt los zand; nu pas beseffen we hoe precair dat vertrouwen en die waarheid altijd zijn geweest. En dan weer dichter bij huis: het Vlaams parlement discussieert over de Septemberverklaring waarin tal van besparingen worden aangekondigd. Regeringspartij Vooruit spartelt; je zult dezer dagen maar socialist zijn. (…)


25 september 2025

(…) lezing van Koen Schoors in Oostkamp. (…) De boodschap van diens Alles wordt anders en beter is dat alles nog ten goede kan keren. Met elektrificatie, circulaire economie, een evenwichtige demografie, enzovoort. Over politiek praat Schoors niet. Hij lijkt te geloven in een onzichtbare hand. (…) Ik weersta de neiging om het boek te kopen. (…) Ik geraak aan de praat met een jongeman die in het AZ Sint-Jan werkt, en dan met Yvan De Clerck, de man die al jaren in zijn eentje acties voert tegen het omhakken van bomen. Op dit ogenblik heeft hij maar liefst 38 rechtszaken lopen in de hele provincie. Hij heeft al tienduizenden bomen voor de kap behoed en heeft daarbij en passant heel wat juridische expertise opgebouwd. (…)

8058

Snellegem, sculptuur (rechts) van Johan Parmentier - 260802


donderdag 24 september 2026

boekverhaal 79

In deze rubriek heb ik het over door mij gelezen of in mijn bezit zijnde boeken waar een verhaal aan vasthangt of die iets bijzonders voor mij betekenen.

november 1994

Daniël Robberechts, T⊗T. Nagelaten werk, 1994


Totaal

Nog geen twee jaar nadat Daniël Robberechts in 1992, nauwelijks 55 jaar oud, gedesillusioneerd en zichzelf door iedereen verlaten wanend een eind aan zijn leven had gemaakt, waagde uitgeverij Kritak zich onder de enigmatische titel T⊗T aan de publicatie van zijn ‘nagelaten werk’. T⊗T is een gecomprimeerd letterbeeld dat staat voor ‘totaaltekst’, waarmee zowel de tot van ‘totaal’ als de, na vervanging van de eks door een x, met taal vervaardigde ‘tekst’ tot uitdrukking wordt gebracht. Deze ‘totaaltekst’ was niets minder dan Robberechts’ eigen versie van het boek dat alle andere boeken overbodig zou maken, een fragmentencompilatie waarin hij zijn hele wereld in al zijn aspecten, van hoogstpersoonlijke emoties tot en met literatuurtheoretische beschouwingen, beoogde samen te brengen.

Dat was uiteraard van meet af aan een onmogelijke onderneming, Robberechts mikte te hoog. Hij werkte vijftien jaar lang aan zijn magnum opus en hield het dan, zonder dat het werk voltooid was – hoe zou het ooit voltooid kunnen geraken in een voortdurend veranderende wereld, in een voortdurend voorthollend bestaan? -, voor bekeken. Robberechts was natuurlijk zelf ook wel doordrongen van de principiële onmogelijkheid van zijn onderneming. Ik sla – kwansuis – het boek open en lees op bladzijde 746: ‘Een eindige verzameling van teksten kan inderdaad nooit een echte totaaltekst vormen, hooguit een tekst die buitensporig samengesteld is en disparaat, en daardoor een totaaltekst oproept.’ (Dit doet mij denken aan de disparate opsomming van wat er in de Aleph te zien is waarmee Borges een totaliteit suggereerde: ‘(…) ik zag trossen, sneeuw, tabak, metaaladeren, waterdamp, ik zag golvende woestijnen aan de evenaar en elke zandkorrel ervan op zichzelf, ik zag in Inverness een vrouw die ik nooit zal vergeten, ik zag de onstuimige haardos, het trotse lichaam, ik zag een kanker in de borst, ik zag een kring droge aarde op een pad, waar eerst een boom stond, ik zag een buitenhuis in Androgué, een exemplaar van de eerste Engelse vertaling van Plinius (…)’ (De Aleph en andere verhalen, 21). Robberechts onderkent met andere woorden het principieel uitzichtloze van zijn Sisyphusarbeid, maar hij voegt eraan toe: ‘Alleen: er zijn aan de ene kant mijn oorspronkelijke bedoelingen en impulsen, aan de andere kant wat ik ooit zal blijken ervan terechtgebracht te hebben. (…) Tenslotte kan een tekst vaak om heel andere redenen gewaardeerd worden dan om wat de schrijver oorspronkelijk heeft bedoeld.’ Een bladzijde verder begint hij een – al dan niet verzonnen – anekdote over een man, die Zebedeus De Zitter heet en elke dag in een Brusselse straat een huis passeert ‘waar vanuit een balkonvenster piano klonk’ (747). Deze De Zitter, met wie de auteur zich vereenzelvigt, geniet van deze niet in enige officiële culturele structuur of organisatie gevatte geïmproviseerde concertjes en overweegt de mogelijkheid dat ze ooit, op een dag, zouden kunnen stoppen. Waarop Robberechts de parallel ziet met zijn eigen artistieke activiteit: ‘Soms wanneer hij zat te schrijven en aan de zin van zijn onderneming twijfelde, stelde hij zich voor dat hij zoals de onbekende klavierspeler was uit zijn Brusselse tijd: hij speelde maar, gamma’s, etudes, variaties, hij wist nauwelijks voor wie; en toch had die gratuite bedrijvigheid een zin, al was het maar als tegenwicht voor zovele dubieuze ondernemingen waarvan de zin nooit eens in het geding werd gebracht.’ (750)

Ik las dit 1064 bladzijden tellende, voorbeeldig met dundrukpapier (‘50 grams bibliomat’) vervaardigde boek in het najaar van 1994 en schreef er een tekst over waarin ik het vooral heb over de ingewikkelde structuur van het boek en over de politieke en taalhygiënische bedoelingen van de bij leven miskende schrijver: https://pascaldigital.blogspot.com/2022/09/daniel-robberechts-tt-nagelaten-werk.html. Zonder deze tekst te raadplegen, is zowat het enige wat ik mij van het lijvige boek herinner een fietser: ‘een fietser met een helrood trainingspak (…) op zijn rug stond in witte letters ROMAN, er krulde wit haar van onder zijn rode pet uit.’ De bierbrouwerij Roman is gevestigd niet ver van waar Robberechts, die de roman als artistiek procedé verwierp, zijn teruggetrokken bestaan leidde. Niet ver van waar hij leed.

In 1994 schreef ik, zo lees ik nu: ‘Er zal aan dit boek worden gerefereerd. Men zal er referaten over schrijven. Het gelezen te hebben wordt ongetwijfeld een referentie.’ Dat was te optimistisch. Wie kent Daniël Robberechts nog? Bij zijn te vroege dood werd hij door vele scribenten gememoreerd. Het april-meinummer 1993 van het inmiddels ook al geruime tijd ter ziele gegane tijdschrift De Nieuwe Maand was helemaal aan hem gewijd, met bijdragen van Walter van den Broeck, Paul Claes, Herman de Coninck, Pol Hoste, Joris Note, Leo Pleysier, Marc Reynebeau, Mark Schaevers en Jacq Vogelaar – ja, inderdaad allemaal mannen. Verbijstering door het drastische besluit van de miskende schrijver was er genoeg indertijd, maar door wie wordt hij nù nog gelezen?

‘De schoonheid van T⊗T resideert vooral in de grootse vergeefsheid van de onderneming; het soort heroïsche verbetenheid waarmee sommigen in koppig isolement het onmogelijke trachten te verwezenlijken, bezit een specifieke waardigheid.’ (Ik citeer de recensent die 32 jaar geleden nog in mij resideerde.) Sinds 1994 heb ik zelf ook wel wat van die onmogelijke ondernemingen op stapel gezet. Aan sommige ben ik begonnen, de meeste heb ik nooit voltooid, een enkele heb ik tot een min of meer goed einde gebracht. Het op verwantschap en sympathie gebaseerde mededogen met de eenzelvige nijvere heremiet van Everbeek heeft mij daarbij altijd voor ogen gestaan. Maar of ik ooit nog zijn ‘totaaltekst’ zal lezen, of een van zijn andere hermetische en experimentele geschriften (zoals – onder meer – Praag schrijven of Tegen het personage), of de stapel doorslagen van zijn eenmanstijdschrift Schrift (de nummers 11 tot en met 27; 1970-1976) die G mij in een witte plastic tas heeft toevertrouwd en die hier sindsdien onbekeken en bijgevolg heel erg ongelezen liggen te wachten op… – ja, waarop eigenlijk?, dat weet ik zo nog niet. Ik ben nu al tien jaar ouder dan Robberechts ooit is geworden, en ben ondertussen maar al te goed doordrongen van de uiteindelijke vergeefsheid van het schrijven, en van de wetenschap dat het lezen zelf een nimmer voltooibare onderneming is. Zoals het leven zelf blijft het altijd een voorlopige oplossing.


PS

Paul Claes stuurde een aanvulling:

"Robberechts kent toch een bescheiden revival (colloquium; boek van Arjan Mulder, De absolute essayist; dagboeken in De Witte Raaf)."

8057

Snellegem - 260802

woensdag 23 september 2026

vorig jaar 460

23 september 2025

Tegen kwart voor elf vervolledigen de laatste collega’s het uiteindelijk zesentwintig koppen tellende gezelschap. Als invuller van onze teamdag neem ik mijn collega’s mee op een ‘subjectieve’ stadswandeling door Brugge, ver van de toeristische hotspots, kriskras associërend op eigen voorkeuren, anekdotes, ideologische invalshoeken, stedenbouw, architectuur en stadsvernieuwing, demografie. Dat leidt ons, onder meer, langs het nieuwe Beursgebouw, het Oud-Sint-Jan, het bisschoppelijk paleis (gezien vanuit de Pijpersstraat), het Sebrechtspark (lunch met broodjes uit de Qualito) en de Snuffel (aansluitend een koffie), het borstbeeld van Achiel Van Acker, de Pottenmakersstraat met zicht op het huis in de Pieter Pourbusstraat waar ik voor het eerst een vrouw beminde, de Augustijnenrei, de Vrijdagmarkt en het Jan van Eyckplein, de Grote Markt, de Oude Zomerstraat, de plaquettes van de voor het vaderland gesneuvelden, het gedenkteken voor de naar Abbeville afgevoerden en aldaar geëxecuteerden, de Vismarkt en het Pandreitje, een godshuis in de Witte Leertouwerstraat, de Magdalenakerk, het beeld van Brels Marieke aan de Coupure, de Spiegelrei en de Lange Rei, de huizenloze straat Hemelrijk, de Vesten met daarop de molens, het Minnewater en het Begijnhof. We sluiten af met een terrasje aan het station. (…) Mijn collega’s bedanken mij met een boekenbon van 50 euro die ze, zonder dat ik het had gemerkt, in de Raaklijn hadden gekocht (kort nadat we Raymond van het Groenewoud onder zijn pet hadden zien voorbijsloffen). Ik had de hele 17 kilometer lange wandeling als bij wonder geen last van mijn been.

*

Als je Robin Williams ziet in One Hour Photo en weet wat hij zichzelf later heeft aangedaan, krijg je de indruk dat hij hier zijn zielige zelf speelt: een eenzame man die voor zijn job filmrolletjes ontwikkelt en afdrukken maakt, en die binnendringt in het privéleven van een gezin waarvan hij het kind bemint en de vader veracht omdat die, in zijn ogen, niet goed genoeg is voor dat kind.


8056

Strooienhaan - 260731


dinsdag 22 september 2026

getekend 531

? (+/- 2000)

 

vorig jaar 459

22 september 2025

Mijn slaap draait al vanaf twee uur in de soep. Pijnlijk linkerbovenbeen. Tegen halfvier rol ik dan toch uit bed. (…)

*

Ik lees Ochtend in Jenin van Susan Abulhawa uit. De gebeurtenissen zijn aangrijpend genoeg, maar het relaas is dat helaas veel minder. Misschien zijn sommige gebeurtenissen te erg om op een literair bevredigende manier te worden verteld?

*

(…)

*

In een zeer uitgebreid artikel in De Standaard vertelt cultuurredacteur Peter Vantyghem over zijn onlangs overleden demente moeder, hoe zij alle vrijheid kreeg om in de omgeving van haar woonzorgcentrum rond te wandelen en allerlei avonturen te beleven. Zij had zeven kinderen, waarvan er een al overleden is. Het privilege van door talrijke goede zorgen te worden omringd.

*

Ik weet niet wat Annie Ernaux vond van de verfilming van L’Événement (door Audrey Diwan, 2021), maar ik vond het goed. Het formaat, de kleuren, de talrijke diepte-onscherptes. En dan de inhoud: de zeden van een vervlogen tijd, die onmiddellijk na de jaren waarin het verhaal zich afspeelt begonnen te veranderen. De totale eenzaamheid van het meisje dat met een ongewenste zwangerschap zit opgezadeld in een tijd waarin op abortus – voor zowel ondergaanden als uitvoerders! – nog strenge straffen stonden. Het taboe en de maatschappelijke uitdrijving, die wij nu in islamitische culturen achterlijk vinden maar die bij ons in de vroege jaren zestig nog realiteit waren.


8055

Brugge, Snuffel - 260731


maandag 21 september 2026

44 * 55,6 * 26,8 * 134 * 2483,1

Varsenare - Jabbeke - Oudenburg - Plassendale - Klemskerke - De Haan - Vlissegem - Nieuwege 



vorig jaar 458

21 september 2025

(…) Wanneer de betoging voor het stadhuis afgelopen is, maak ik nog even een praatje met F. Vragen naar de kinderen, voor wie ik nog samen met L heb gebabysit, heeft geen zin want het zijn al veertigers en ze zijn al lang het huis uit. F’s broers B en P waren ook op de betoging, maar niet een van de zussen. De manifestatie, waar ongeveer vijftig mensen aan deelnamen, krijgt nog een staartje. Net als de vorige keren komt een veel te grote brandweerwagen de krijtboodschappen wegspuiten. De kosten voor deze schoonmaak, die net zo goed met een emmer water en een borstel zou kunnen gebeuren, worden verhaald op de manifestanten: pure intimidatie van de burgemeester. Intussen is een crowdfunding gestart om de geviseerde activist Wouter M te helpen om zijn juridische bijstand te financieren. (…) De rest van de dag breng ik deels in bed door en deels voor de tv, voor sport (WK atletiek en tijdrijden) en ontspannende fictie (Chantal en Helsinki Syndrome).




8054

Brugge, Stil Ende - 260731


zondag 20 september 2026

vorig jaar 457

20 september 2025

Ik hoor achter mij een zeer luidruchtige brommer aankomen. Ik maak een verveeld handgebaar. De brommer haalt me in, vertraagt, komt tot stilstand en wacht me op, precies op de plek waar ik moet inslaan om het kot te bereiken waar ik mijn fiets altijd parkeer. Ik stop ook: het is duidelijk dat de jongeman op de brommer me iets wil zeggen. Dat doet hij ook. Door het lawaai van zijn motor kan ik hem niet verstaan, afgaande op zijn gelaatsuitdrukking zal het wel iets zijn als ‘Awel, scheelt er iets?’ Ik probeer hem met een gebaar duidelijk te maken dat ik hem niet versta. Hij geeft gas, de motor brult nu. En dan wordt het stiller, stil genoeg om te verstaan wat hij zegt. ‘Ouwe zak. Ik ben negentien en heb al een brommer. Jij bent oud en moet nog met de fiets rijden. Sukkelaar! Je bent waarschijnlijk jaloers.’ Om niet tegen een vuist aan te lopen beaam ik dat ik jaloers ben op zijn mooie brommer, maar memoriseer ondertussen de nummerplaat van het vehikel want ik ben niet van plan het hierbij te laten. Met veel kabaal en luidruchtig vertoon van motorkracht vertrekt de negentienjarige. Ik blijf, toch enigszins van mijn à propos gebracht, achter. Ik doe dan uiteindelijk toch geen online aangifte bij de politie wanneer blijkt dat daar een id-reader voor nodig is: ik herinner me maar al te goed van de vorige keer dat ik dat ding nodig had welk gesukkel daar altijd bij komt kijken – dat is bijvoorbeeld ook de reden waarom ik nooit mijn belastingbrief bekijk en er maar op vertrouw dat alles wat daarop vooraf is ingevuld wel in orde zal zijn. Ja, deze digibeet is inderdaad een ouwe sukkel.

*

Wandeling naar BRUSK. Het nieuwe cultuurhuis wordt vandaag voor de nieuwsgierige Bruggelingen opengesteld. Ik geraak niet binnen: er zijn, vanwege de brandbeveiligingsvoorschriften, slots. Het zal dan later wel eens lukken. Er is erg veel volk op de been in de stad. Dat komt door de autoloze zaterdag, maar is ook de grote mechanische spin, een traktatie van het stadsbestuur om de heffe des volks te verzoenen met de dure investering in BRUSK, een instelling waar die heffe vermoedelijk maar weinig mee te maken zal hebben. Het was de bedoeling dat ‘La Grande Araignée’ door de binnenstad zou trekken, maar daarvoor bleken de straten te smal. Nu blijft het traject beperkt tot een wandeling op de ring tussen het Zand en het Visartpark. Op mijn terugweg van BRUSK en de bibliotheek (waar ik, nadat het boek mij door W was aangeraden, Uit pure woede van Geoff Dyer ontleen) kruis ik de trage begankenis van de spin. De aanblik is spectaculair, dat wel, maar er wordt gezegd dat deze geste van het stadsbestuur bijna een miljoen euro zou kosten. ‘s Avonds, wanneer de spin vanuit zijn uit plastic folie opgetrokken web bij het Visartpark terugkeert naar zijn nachtverblijf op het Zand, zie ik het spektakel een tweede keer. Met S, die ik tussen het talrijk opgekomen publiek tegen het lijf ben gelopen, kan ik het even hebben over de kostprijs en de cultureel-artistieke waarde van deze grap.




*

(…) Annie Hall van Woody Allen: ladida! (…) Woody en Diane gaan op het einde van de film uit elkaar: hun respectieve shrinks hebben zulks geadviseerd. In de kamer waar de kerstboom staat verdelen ze hun bibliotheek. Maar Diane heeft haar naam in àlle boeken geschreven, ook in die van Woody. Diane steekt alle boeken, zonder onderscheid, in een kartonnen doos terwijl ze zegt: ‘Waarom zou ik jou lastigvallen met mijn complexen?’


8053

Brugge, BRUSK, decoratie: Refik Anadol – 260729



zaterdag 19 september 2026

LVO 364

fragment uit Het maaiveld

Vierset (2)

Een van de leiders was een jongeman met een komiek opbollende bos krulhaar. Zijn familienaam was Six – en dat vond ik ook komisch. Omdat hij mij de vriendelijkste van het gezelschap leek, richtte ik mijn Vatersuche op hem – maar ik was niet de enige en mijn nood werd niet of nauwelijks beantwoord. Of het zou op een van de lange wandelingen moeten geweest zijn die wij tijdens die veel te lange week maakten in de buurt van ons verblijf. Krullebol Six bracht mij de wondere werking van het sap van de stinkende gouwe bij: als je het oranjegele vocht, dat je kon oogsten door een stengel van dit overal in de berm gedijende zogenaamde onkruid te knakken, op een wrat stelpte, zou die wrat gegarandeerd verdwijnen. Ik had wratten in de palm van mijn rechterhand en paste de behandeling toe. De wratten bleken inderdaad enkele weken later volledig te zijn verdwenen.



Ik herinner me van dat kamp ook nog een groots opgezette estafettekoers waarbij we met een knikker in een tussen de tanden geknelde lepel op een hobbelig terrein zo snel mogelijk de overkant moesten bereiken – dat soort ongein. Uiteraard mocht die knikker niet uit de lepel wippen. En ik herinner mij ook nog dat ik sympathie opvatte voor een heel kwetsbaar jongetje, nóg kwetsbaarder dan ikzelf was. We herkenden elkaars eenzaamheid en heimwee. Op een dag viel hij flauw tijdens het appel. Het had iets te maken met bloedarmoede. Mijn lotgenoot vertelde mij dat hij telkens wanneer hij bloed zag, flauwviel. Nu was er op dat moment, toen hij dat tijdens het appel vertelde, of daar vlak voor (want tijdens het appel zelf moest er uiteraard gezwegen worden), in velden noch wegen bloed te bespeuren – maar blijkbaar was hij ook gevoelig voor alleen maar het dénken aan bloed, of voor het erover vertellen, en zo werd ik geconfronteerd met het feit dat een verhaal een soms even krachtige uitwerking kan hebben als de werkelijkheid zelf.

Wat ik me ten slotte ook nog herinner – hoe zou ik het kunnen vergeten –, zijn de maaltijden. Door een toeval of misschien gewoon doordat ik bij het uitkiezen van de plaatsen niet alert en doortastend genoeg voor mijn eigen belang was opgekomen, was ik aan het hoofdeinde van een van de lange tafels beland. Je zou denken de ereplaats, maar in Vierset was het vooral een nadeel: wanneer de in het midden van de tafel door het keukenpersoneel neergekwakte potten en schalen de uiteinden bereikten, waren ze al grotendeels leeg of toch alleszins ontdaan van de vetste en smakelijkste brokken. Ik zal niet beweren dat ik die week in Vierset honger heb geleden, maar het scheelde toch niet veel.

8052

Strooienhaan - 260729


vorig jaar 456

18 september 2025

Aan het uiteinde van mijn straat zijn ze bezig met de voorbereidingen van de doortocht van ‘La Grande Araignée’, de ‘mechanische reuzespin’ die de vooropening van de nieuwe kunstinstelling BRUSK luister moet bijzetten. Aan de verkeerslichten van het kruispunt met de ring wordt met plastic folie en draad een ‘web’ geweven. Dat hele gedoe kost de stad een miljoen. Het stemt me mismoedig. Goedkoop spektakel voor veel geld.


19 september 2025

(…)

*

Een van de laatste zomerdagen allicht. Ik raap mijn moed bij elkaar en doe een rit van 58 kilometer met de koersfiets: Damme, Sijsele, Oedelem, Beernem, Wingene, Hertsberge.

*

(…)

*

(…) een artikel van Ludo De Witte over wat er in Gaza te gebeuren staat na de slachting: hoe wij ons dan tegenover Israël te verhouden hebben. Moeten wij die staat nog erkennen, nu overduidelijk is dat het een schurkenstaat is?

vrijdag 18 september 2026

LVO 363

fragment uit Het maaiveld


Vierset (1)

Wanneer ging ik voor het eerst op reis? – afgezien van de familiebezoeken in Limburg dan, welteverstaan. Ik weet het niet meer precies. Ik denk dat het naar Vierset was, de eerste en meteen ook laatste keer dat ik op kamp ging met de CM, de Christelijke Mutualiteiten.

Vierset ligt in de buurt van het tussen Namen en Luik aan de Maas gelegen stadje Hoei (Huy). Naar de CM-kampen trokken indertijd elke zomer vele duizenden kinderen van bij dat ziekenfonds aangesloten gezinnen. Daardoor hebben ze in die mate in het Vlaamse collectieve geheugen een plaats gekregen dat velen in het algemeen en zo goed als iedereen die opgroeide in de christelijke zuil in het bijzonder weten wat Tom Lanoye bedoelde toen hij zijn debuutroman Kartonnen dozen noemde: elke kampganger kreeg bij de inschrijving als reiskoffer een kartonnen doos, waarop naam en adres zorgvuldig in het daartoe bestemde vak dienden te worden ingevuld. De jongste kinderen mochten, of moesten, op kamp in de Ardennen, voor de ouderen waren er kampplaatsen in Zwitserland.

Ik was een jaar of elf, denk ik. Mijn deelname was zeker geen vrijwillige keuze. Het zal wel een strategie van mijn ouders zijn geweest om dat jaar nog maar eens ongehinderd door kroostzorgen een reisje naar de Moezel of de Rijn te kunnen maken.

Veel is mij van dat kamp niet bijgebleven. Waaraan dat te wijten is, aan hersendeficiëntie of aan psychoanalytisch te duiden verdringing, laat ik in het midden. Van de kampplaats kan ik mij slechts een zeer rudimentair beeld voor de geest halen. We logeerden in een witgekalkte herenboerderij waarvan minstens een van de vleugels in ruïneuze staat verkeerde. De slaapzaal was ingericht boven de stallen. We konden de varkens horen wanneer ze vroeg in de ochtend om eten burrelden. Wie daardoor nog niet uit zijn slaap was gerukt werd gewekt door een flauwe plezante die er niets beters op gevonden had dan het instrumentale hitje Popcorn door een centraal op het binnenplein opgestelde luidspreker te laten schallen. Dit vervelende, met behulp van een xylofoonachtige syntheziser uitgevoerde melodietje bleef daarna de rest van de voormiddag in je kop nazeuren. Na het obligate wassen en tandenpoetsen werd er appel gehouden. Gehoorzamend aan een opvallend militaire discipline stelde het honderdtal kinderen zich op in ‘vendelformatie’. De kampleiding sprak ons toe. Telkens wanneer ik later een beschrijving las van het langdurige rechtop staan op het exercitieplein van een concentratiekamp, een vaak terugkerende topos in de holocaustliteratuur, kwam – zolang de zin voor relativering nog niet over mij was neergedaald, alsook het besef dat beide termen van de vergelijking totaal onvergelijkbaar waren – de herinnering aan dat CM-appel me voor de geest.

8051

Strooienhaan - 260729


donderdag 17 september 2026

vorig jaar 455

16 september 2025

(…)

*

(…) Zo heeft hij het onder meer over een kostbaar Omega-polshorloge. Hij vermoedt dat een malafide juwelier het heeft gerepareerd met een niet-authentiek reserveonderdeel. Aanvankelijk was het horloge helemaal uit edelmetaal opgetrokken, nu dus niet meer. Het is dus niet meer origineel. Net zo, antwoord ik, vervangen wij de herinneringen uit onze reële levens door de verhalen die wij erover vertellen en houden we uiteindelijk slechts een versie over, een replica.

*

(…)



17 september 2025

Geslapen tot acht uur! Geen pijn in mijn been. Of toch maar nauwelijks merkbaar.

*

Er wordt, behalve aan de dagelijkse lectuur (vooral de literaire miskleun Ochtend in Jenin van Susan Abulhawa, die ik moet lezen voor onze volgende leesclubbijeenkomst), vandaag opnieuw veel tijd besteed aan Facebook, met Gaza voorop: het rapport van de commissie van de Verenigde Naties, de gruwel die daarin beschreven staat… Het gaat op Facebook ook over de Israëlische dirigent die niet mag dirigeren, en over een speech van de president van Slovenië, een vrouw uiteraard, die in een waardige maar vlammende speech zegt waar het op staat in verband met de genocide in Gaza en met het laffe Europa, dat zich dringend moet verenigen in deze cruciale tijd. (…) Ik besteed ook tijd aan koken: deze avond komen L en K langs voor onze driemaandelijkse ontmoeting. Die verloopt op prettige en geanimeerde wijze. We hebben het onder meer over de wandeling in Brugge die ik aan het voorbereiden ben voor de teamdag van volgende dinsdag met mijn collega’s uit Brussel, en over (…). L en K informeren dan ook nog belangstellend naar hoe het staat met mijn autobiografie. K deelt mijn mening dat Vaderader een goede afsluiting is, en dat de eerste drie delen daarnaartoe een aanloop vormden. Dat was, leg ik uit, geen vooropgezet plan, maar die structuur, met vooral de vader-zoonrelatie als rode draad, is er gaandeweg ingeslopen. L daarentegen vindt dat er zeker nog een vijfde deel moet komen omdat Vaderader te nadrukkelijk een culminatiepunt is. Of zoiets, ik snap eigenlijk niet goed wat hij wil zeggen. We hebben het ook nog over de lokale politiek: de intimidaties van burgemeester De fauw ten aanzien van de krijtprotesteerder Wouter Mouton, die nu de gepeperde rekening gepresenteerd krijgt voor het door een veel te grote brandweerwagen laten wegspuiten van zijn op de keien voor het stadhuis met kalk aangebrachte vredesboodschappen. We sluiten de avond af met het medisch rapport [en met de stavaza inzake prostaatproblemen en dergelijke].




8050

260729


woensdag 16 september 2026

8049

Houtave - 260728


dinsdag 15 september 2026

vorig jaar 454

15 september 2025

Om vier uur opgestaan met – opnieuw – pijn in mijn linkerbovenbeen. Ik kan nauwelijks stappen. Dit begint me te verontrusten.

*

(…)

*

Een ‘droevig bericht’ van L: J is overleden. Ik wist dat mijn voormalige collega ziek was en ik had hem, na een toevallige ontmoeting op de fiets langs het kanaal, al twee jaar niet meer gezien. (…) Bij J, die nog maar net een nieuwe relatie was begonnen, werd kort na zijn pensionering vier jaar geleden leukemie vastgesteld. Hij werd 69 jaar.

*

(…)

*

Op Facebook is er heel wat gedoe over de kwestie van de Israëlische dirigent die niet mag optreden in Gent omdat hij weigert een standpunt in te nemen over Gaza. (…) De gemoederen raken verhit. Ondertussen, maar dat bijna in de marge, neemt zowel aan de oostgrens van Europa als in het Midden-Oosten de oorlogsdreiging toe. De geesten worden in elk geval volop in die richting gemasseerd.

*

Notes on a Scandal (Richard Eyre, 2006), met Judi Dench en Cate Blanchett, nog niet de gerijpte schoonheid die ze ondertussen is geworden, heeft weinig om het lijf. De film gaat over de seksuele escapades van een jonge lerares met een vijftienjarige jongen, en over de manier waarop een verzuurde oude collega deze situatie uitbuit.


8048

Assebroek - 260727


maandag 14 september 2026

facebookbericht 1249

Schooljuf ontslagen omdat ze het hoofddoek wou blijven dragen tegen het (gewijzigde) schoolreglement in

Idd, ze was al aan het werk toen de spelregels veranderden. Het argument hierboven dat ze niet in openbare dienst moet treden als ze haar hoofddoek wil dragen, is daarmee ontkracht. En overigens denk ik dat vrije keuze en professionaliteit belangrijker zijn dan het krampachtig vasthouden aan een zich als 'neutraliteit' aandienende eigen identiteit. Als we die krampachtigheid blijven aanhouden, dragen misschien binnen dertig jaar, wanneer de 'Vlaamse' bevolking totaal gemengd zal zijn, àlle vrouwen verplicht een hoofddoek. Aanpassing aan onze standaarden zal er alleen komen als die evolutie in vrijheid kan plaatsvinden.

vorig jaar 453

14 september 2025

(…) Ja, de zomer is echt voorbij nu. Al valt het nog wel mee, zoals wij op onze wandeling ervaren. Geheel onvoorzien bezoeken we het universiteitsmuseum GUM. De permanente opstelling valt erg mee. Interessant, mooi, didactisch, toegankelijk. De objecten zijn gerangschikt rond thema’s als ‘classificeren’, ‘meten’, ‘verbeelding’ etcetera. In een video vertellen enkele belangrijke mensen (onder meer Christophe Busch, Jean Paul Van Bendegem) samen met enkele hoogbegaafde kinderen aan de hand van de patronen op een boven een lichtbak opgespannen buikvlies hoe zij de toekomst zien. De ene benadrukt het netwerk, de andere de talrijke vertakkingen, een derde focust op de verschillen tussen scherp en vaag. (…) De kwaliteit van de tentoonstelling ‘Painting after Painting. Hedendaagse schilderkunst in België’ in het S.M.A.K. stelt teleur. Er wordt tegenwoordig wel zéér slordig geschilderd. De betekenis van de meeste werken is – althans voor mij – ondoorgrondelijk. Ik zoek maar vind geen mooie, ‘klassieke’ landschapjes, portretten, stillevens. Wanneer ik na het bezoek in de inkomhal even uitrust en een gesprekje aanknoop met een meer-dan-tachtigjarige zeer voorname man die daar hetzelfde doet en mijn vraag zeer vriendelijk beantwoordt, blijkt dat ik niet de enige ben die teleurgesteld is. Wat is die man zijn geschiedenis? Dat interesseert me meer dan de schilderijen die ik net heb gezien. (…)



https://www.gum.gent/nl/collectie-object/bal-en-stok-model-van-benzeen


*

(…)





8047

Sint-Kruis, Brieversweg - 260727


zondag 13 september 2026

getekend 530

1999


facebookbericht 1248

'Gematigd links' schuift niet op naar links maar naar rechts. En als 'gematigd links' naar rechts opschuift, dan wordt 'linkser dan "gematigd links"' gemakkelijk 'extreem' genoemd. Ook al heeft het niet gebougeerd. En 'extreem geweld'? Nooit goed te praten natuurlijk, net zo min als 'gematigd geweld', maar ik vind het vernietigen van de planeet, oorlogswapens kopen, de schandalige ongelijkheid en het afbreken van de sociale zekerheid toch nog altijd heel wat extremere vormen van geweld dan ergens een ruit ingooien of een slogan spuiten op de marmeren sokkel van een grootbank.

facebookbericht 1247

'ecoterroristen'
Het vocabulaire van rechts om links te beschimpen, zie ook Francken. Wat gaan ze doen als de term 'terroristen' uitgehold en versleten is? Wat is er erger dan terrorisme?
Toch eigenaardig dat de richting van dat beschimpen altijd, of toch minstens meestal, van rechts naar links verloopt, en niet omgekeerd. Nochtans zitten het grootste crapuul en de meeste gewetenloze criminelen toch vooral in die rechtse hoek?