Dudzele - Oostkerke - Hoeke - Siphon - Moerkerke - Donk - Sijsele - Oedelem - Beernem - Moerbrugge -Steenbrugge
vrijdag 14 augustus 2026
vorig jaar 426
14 augustus 2025
(…)
*
Voor
het eerst sinds zeer lang, in een poging om eindelijk eens een begin
te maken met de grote opruimactie die ik me al zeer geruime tijd
voorneem te ondernemen, open ik nog eens de ingemaakte kast rechts
van het bed. Veel van de dingen die ik daarin aantref, waande ik
verloren: ooit geschreven teksten, essays, (aanzetten tot) verhalen.
Foto’s van mijn tijd met S, maar ook van de reis naar Noorwegen in
1979, en ook oude klasfoto’s van de middelbare en lagere school.
Foto’s waarop C verliefd naar mij kijkt, genomen door haar man X.
De foto waarop ik verliefd naar Y kijk. Een foto waarop Z verliefd
naar de lens, en dus naar mij kijkt. (…) Enzovoort. Snel dicht, die
kast! Daar gaat poging nummer zoveel tot opruimactie!
*
Moeder, nu vader van Gerbrand bakker zijn vooral triviaal en egocentrisch gezeur waaraan geen enkele schrijver zich zou mogen bezondigen, een zoveelste devaluatie van de ooit prestigieuze reeks privé-domein.
Alleen in Berlijn van Hans Fallada is een compilatie van erge feiten. Met zijn nuchtere toon mist dit relaas zijn impact niet en vormt het een pendant voor 1933. Waar Metcalfe de situatie van bovenaf belicht door te schrijven over de politieke en journalistieke elite, schrijft Fallada, zoals gebruikelijk, vanuit het standpunt van de gewone man. Maar beide schrijvers hebben het wel over hetzelfde tijdsgewricht. Historicus Metcalfe schrijft artistieke non-fictie; Fallada componeert, als ervaringsdeskundige, een op de realiteit gebaseerde roman.
*
(…)
*
(…) G verlangt naar haar pensioen en heeft het moeilijk met haar nieuwe veel jongere collega’s, die ze ‘sneeuwvlokjes’ noemt. Ze heeft het over een generatiekloof. Ze heeft nog een mooi woord in petto, wanneer het even over de mooie jonge vrouwen gaat die tegenwoordig zo vaak aan bod komen in de muziekprogrammatie op de radio: de ‘hertenjongen’. (…) Om kwart voor tien (…) breek ik op en begin aan mijn nachtelijke terugkeer over de brokkelige fietspaden richting Brugge.
donderdag 13 augustus 2026
vorig jaar 425
12 augustus 2025
(…)
13 augustus 2025
Na heel wat moeite daarvoor te hebben gedaan, weet ik dan uiteindelijk toch een plunje bij elkaar te scharrelen. Maar ik voel de bui al hangen. Iedereen is reeds het veld opgelopen. Ik wurm mezelf nog in een beschimmeld truitje, dat helemaal niet bij de truitjes van de ploeg past. Wanneer ik aanstalten maak om ook het terrein te betreden, hoor ik mijn naam: ‘Pascal niet.’ Ik ben niet geselecteerd. Ik probeer een in mijn richting afgeweken bal terug te shotten, maar raak hem verkeerd – waarmee ik meteen aantoon dat het verdict terecht is. Ik aarzel: moet ik blijven als reservespeler, voor het geval er iemand uitvalt, of moet ik gevolg geven aan mijn teleurstelling en naar huis gaan? Ik overweeg dat laatste. Ik kan eventueel een briefje achterlaten waarop staat dat dit de laatste keer is geweest, dat ze op mij niet meer moeten rekenen. Het bittere besef dat mijn bestaan als voetballer voorbij is. In deze droom speelt G ook een rol. Hij is wél geselecteerd. Nog voor de match, in de kleedkamer, toont hij op een groot scherm een filmpje. Drie mannen lopen ‘s nachts op straat. ‘Dit is mijn vader,’ zegt G en hij wijst een van de drie mannen aan. We zien het drietal een helverlicht café betreden waar er duidelijk veel ambiance heerst.
*
Twee draagberries naast elkaar. Ik lig op de ene en houd me onbeweeglijk terwijl iemand (wie?) bezig is met een laken te leggen over de persoon die op de andere berrie ligt. Wanneer ik denk dat hij daarmee klaar is en dat ik niets meer te vrezen heb, stort hij zich met een deken op mij, duidelijk met de bedoeling mij te verstikken. Ik word molenwiekend en gillend wakker.
*
Een rit van 55 kilometer. Het gaat heel goed. Wegjes in de buurt van Zedelgem en Snellegem waar ik nooit eerder kwam. 26 gemiddeld en met 123 als gemiddelde hartslag. (…)
*
Alleen Elvis blijft bestaan met Reginald Moreels. Integriteit, bescheidenheid. Deze man is bijzonder hard en veeleisend geweest voor zichzelf. Ik vraag mij af hoe hij met anderen omgaat. Hij heeft het een paar keer over het onevenaarbare gevoel van samenhorigheid dat in moeilijke omstandigheden kan worden bereikt. Hij spreekt ook over hoe hij met zijn kinderen omgaat. Hij is vaak afwezig geweest, maar was er wel bij wanneer er problemen moesten worden overwonnen. Over zijn zeven jaren van anorexia, wat volgens hem een reactie was op alles wat hij heeft meegemaakt. Het verslavende opzoeken van gevaar en risico. Zijn wending naar de mindfulness vind ik dan weer minder interessant. De bescheiden hoop dat zijn kinderen misschien ooit zijn boeken zullen lezen: herkenbaar.
*
Ook Gerbrand Bakker en Nick Cave hebben het over een vorm van transcendentie. Ik bekijk een paar interviews met hen op YouTube. (Ik besef nog te vaak niet wat voor een schatkamer dat medium is.) Bakker heeft het over ‘een soort van kosmisch begrijpen van zichzelf en de wereld’, een ‘dieper begrijpen’ dat niet mag worden gelijkgesteld met een probleemoplossend begrijpen. Bakker zoekt naar de juiste woorden. In het filmpje is hij vijftig, nog helemaal niet de al oudere man die ik mij voorstel bij het lezen van Moeder, nu vader. Waarin hij overigens ook nog maar zestig is of daaromtrent, in elk geval jonger dan ikzelf nu ben – wat helemaal indruist tegen mijn lees- en zelfervaring. Nick Cave heeft het, hoe kan het anders, over rouw en troost. Ook dat gaat ‘voorbij’ de woorden. Een aanraking kan méér zeggen, méér teweegbrengen. Om uit zijn rouw te geraken moet de rouwende, die altijd de neiging heeft om zich op zichzelf terug te plooien en zich van de buitenwereld af te sluiten, zich omkeren en openen voor de wereld. Dat kan in gang worden gezet door een onverwachte liefdevolle aanraking. (Een aanraking is er ook op het eind van Alleen Elvis…, wanneer de eindgeneriek al loopt. Dan zie je hoe Thomas Vanderveken de hand van zijn gast drukt, soms – maar niet altijd – met beide handen.)
woensdag 12 augustus 2026
dinsdag 11 augustus 2026
facebookbericht 1243
Eerst dit: ik bezit geen auto.
Principieel, maar ook omdat ik er geen nodig heb.
Zo
gebeurt het dat ik geregeld – ook al om de huidige janboel aan het
station te vermijden – in de Spoorwegstraat in Sint-Michiels fiets.
Daar kom ik, richting station, na de rotonde aan ten Briele in het
gedeelte van de Spoorwegstraat waar er aan de rechterkant tussen de
straat en de treinsporen huizen staan. Over dat stukje wil ik het
hebben omdat daar de manier waarop het fietspad is aangelegd perfect
illustreert hoe de overheid denkt over de rangorde tussen fiets en
auto. Letterlijk bij elke garagepoort – en bijna elk huis heeft er
daar een – zakt het niveau van het fietspad, dat op dezelfde hoogte
als het trottoir is aangelegd, een tiental centimeter. Waarna het
weer – hop! – tien centimeter stijgt. Dat veroorzaakt een hoogst
oncomfortabel gevoel bij het fietsen: als je dat stukje
Spoorwegstraat voorbij bent, zijn je ballen geklutst. Bij manier van
spreken, uiteraard, maar men begrijpt zeker wat ik bedoel. En dat
allemaal omdat meneer of madam Spoorwegstraatbewoner smooth
zijn/haar garage zou kunnen binnenrijden. Eén of twee keer per dag.
Terwijl daar dagelijks tientallen fietsers fysiek ongemak voor moeten
ondergaan. En ook mentaal ongemak, want ergernis is dat. Deze manier
van fietspaden aanleggen op het niveau van het trottoir is meer regel
dan uitzondering.
Ik weet het, het is een detail. Er zijn belangrijker zaken. Maar zou het niet logischer zijn in de aanleg van fietspaden een andere hiërarchie te hanteren? In een beleid dat werkelijk voorrang zou verlenen aan andere vormen van mobiliteit dan de auto zou dat vanzelfsprekend zijn.
maandag 10 augustus 2026
vorig jaar 424
10 augustus 2025
Na het in het hotel genoten ontbijt vertrek ik rond een uur of acht. Nevel drijft boven het wateroppervlak van de schijnbaar roerloze Maas. Die wel stroomt natuurlijk, en wel afwaarts. Toevallig ook mijn richting – want daarvoor heb ik gisteren dus gekozen, en niet wat ik oorspronkelijk van plan was, naar Verdun en dergelijke. Daar is het te warm voor, heb ik besloten. (…) Ergens tussen Dinant en Namen ontmoet ik bij een café-met-oeverterras waar ik voor een koffie was gestopt Angela. Deze 43-jarige vrouw uit Zürich maakt al vele jaren solitaire fietstochten. Nu is ze op weg naar haar vriend in Utrecht. Ze is ingenieur en bedenkt productieprocessen voor de voedingsindustrie. Ze vertelt me dat ze op tijd en stond alleen wil reizen. Mocht haar vriend, of iemand anders, mee zijn, dan zou het meditatieve van het solitaire reizen niet mogelijk zijn. Ik begrijp zeer goed wat ze bedoelt. Terwijl ik mijn koffie drink, eet Angela een pannenkoek met fruit. We fietsen de laatste 15 kilometer naar Namen samen. Door ons gesprek, dat door de vrijheid die gepaard gaat met het besef dat deze ontmoeting eenmalig blijft, diepgaand is, vliegen die laatste drie kwartier van mijn fietsreis snel voorbij. Door het vele praten heb ik nauwelijks nog oog voor het toch wel fraaie landschap, met de heuvels aan weerszijden van de rivier. Bij het samenvloeien van Samber en Maas nemen we afscheid. Tot nooit meer. Adieu, zegt Angela, à dieu/Dieu. Dat ontroert me.
*
Treinreis van Namen naar Brugge, met overstap in Brussel, in een zombieachtige toestand, tussen een aantal andere bepakte en bezakte fietsers. Ik val geregeld in slaap. Om vier uur thuis. Ik ruim snel al mijn fietsspullen en bagage op, alsof ik voor mezelf wil verhullen dat mijn reis op een mislukking is uitgedraaid. Ik maak halve en hele afspraken met A, B, C, D, E, F en G. Dan is er Alleen Elvis blijft bestaan, dit keer met Jonathan Holslag. Hij monologeert professoraal over de snel wijzigende internationale machtsverhoudingen. Europa dreigt te worden weggedrukt, niet alleen door China en de VS, maar ook door Afrika. Verrassend vind ik toch wel dat Holslag een bijzonder geaccidenteerde jeugd blijkt te hebben gehad. Ik ga om tien uur slapen.
11 augustus 2025
Als gevolg van het vroege slapengaan ben ik alweer vroeg op: om halfvijf. (…)
*
Netanyahu heeft vijf journalisten van Al Djazeera laten ombrengen/vermoorden. En hij geeft het dan nog toe ook. Tegenwoordig kom je overal mee weg. Terwijl hier zowat iedereen om strenge maatregelen tegen Israël smeekt, stuurt De Wever vanuit Zuid-Afrika foto’s van olifanten. Hoe cynisch kun je zijn. Georges-Louis Bouchez is verwikkeld in een schandaaltje met misbruik van een parkeerkaart voor gehandicapten. Trump zet de Federal Reserve in om alle daklozen uit de straten van Washington te vegen. Tot daar het overzicht van het binnenlandse en internationale nieuws.
*
(…)
zondag 9 augustus 2026
vorig jaar 423
9 augustus 2025
Een ononderbroken nacht, van tien tot halfzeven! Ik droomde nog maar eens over stations en treinen net niet halen, en als ik me niet vergis was Benoni er ook weer bij. Ik sta op in dubio: de reis voortzetten of terugkeren? Ik schrijf dit om zeven uur aan de ontbijttafel, M is druk in de weer. Ze komt erbij zitten, en T staat ook vroeger op dan gewoonlijk. Ik vertel – tot op zekere hoogte – mijn verhaal, onder meer ook over mijn vader. (…) Ik wil hier zeker nog terugkomen (…) om met de koersfiets rondjes te maken en te luieren in de hangmat. Uiteindelijk vertrek ik om halfnegen, nog helemaal niet zeker waar de reis me zal voeren na Charleville-Mézières. Ik drink in Signy een koffie, en vind in Warcq, aan een vijver, een bank in de schaduw voor mijn picknick. Daar beslis ik om niet verder te reizen. (…)
Op het middaguur doortocht in Charleville. De Place Ducal is in de uitverkoop. Het statige, monumentale plein wordt volledig ingenomen door strand, palmbomen, ijskramen, een podium, een carroussel. De historische waarde van de architectuur moet wijken voor pretzucht en commercie.
Na veel zoeken tussen de bochten van de Maas, die nu eens naar het noorden leidt en dan weer zuidwaarts, en waarbij het niet altijd duidelijk is of het fietspad zich op de linker- dan wel op de rechteroever bevindt, vind ik mijn uitweg uit deze stad. (...)
Om vijf uur kom ik tot de akelige vaststelling dat het geboekte en ook al voorafbetaalde hotel in Haybles, dat ik na 105 kilometer en het overwinnen van een helling van 10 procent om bij het hotel te geraken bereik, niet bestaat. (Achteraf blijkt booking.com de betaling te hebben terugbetaald, en mij ook te hebben verwittigd via e-mail, maar dat bericht zie ik te laat.) Het meest nabijgelegen hotel stroomafwaarts ligt in Givet. 21 kilometer, zegt Google Maps, maar het worden er uiteindelijk 31. Hoewel het vlakke kilometers zijn, zie ik toch af. Ik passeer de kerncentrale van Chooz. Wanneer ik iets voor zeven uur in het hotel-restaurant Le Val Saint-Hilaire (trois étoiles) aankom, blijkt ook deze boeking fout te zijn gelopen. Gelukkig heeft de even corpulente als vriendelijke uitbater begrip voor mijn situatie en schudt hij alsnog een kamer uit zijn mouw. Ik eet op het terras, achter een luidruchtig gezelschap van zes koppels – zes mannen aan de ene kant van de lange tafel, hun zes vrouwen aan de andere kant. Tientallen huiszwaluwen vliegen af en aan boven de Maasoever. Mijn entrecôte is bijzonder mals en bloederig. De frieten liggen er slap bij. Het ijsje achteraf (vanille en pistache) smaakt overheerlijk! Op mijn kamer kijk ik – op arte – naar een documentaire over de astronauten die in de loop van het NASA-programma zijn omgekomen. De Challenger (1986) herinner ik me nog zeer goed – ik was student in Leuven, en twee of drie dagen later was er in den Ateljee aldaar reeds een Challengerfuif (met op het affiche de iconische foto van het ontploffende ruimteveer) –, maar de Colombia (2003) was ik al vergeten.
zaterdag 8 augustus 2026
facebookbericht 1242
S10, dat ik niet kende, was een aangename verrassing, met een zeer zorgvuldige geluidsbalans. Kowlier was voor mij het Jantje van Leiden van de avond. Geen kunst, om met een laptop, met daarin een Schaal van Richter-bas, te staan rappen. Ik vond het ook jammer dat ik van zijn Izegems, dat ik nochtans vrij grondig beheers (mijn moeder was van Bavikhove, ik weet het, een wereld van verschil, maar toch), door de slechte klank weinig verstond. Wat jammer is, zeker bij een wereldkolderpoëzie als In de chalet.
vorig jaar 422
8 augustus 2025
Na een alweer veel te korte nacht zit ik om halfzeven samen met M aan de ontbijttafel, die uitermate copieus gedekt is. Ze vertelt over de onderwijsstiel, over hoe alles in haar tijd van werken heel erg veranderd is en hoe de status van de onderwijzer werd ondermijnd. De mislukking van het inclusieonderwijs, de crisis van het gezag, de pretpedagogie. M legt me ook uit hoe haar relatie in elkaar zit. (…) Haar dochter is met een van de zonen van T getrouwd, en pas daarna volgden zij hun kinderen in het huwelijk. Wat later vertelt T, die er inmiddels bij is komen zitten, hoe hij dit huis in Maranwez heeft verworven en gerenoveerd. Samen hebben ze nu ook het huis ernaast gekocht, ze gaan het als gîte verhuren. Wat een rijk koppel, wat een mooi leven. Het ontroert me. Helemaal week en weerloos geworden beslis ik om hier nog een dag te blijven. Waarom zou ik mezelf de hitte injagen als ik hier zo goed ben? Misschien moet ik het helemaal over een andere boeg gooien en aanvaarden dat het fietsreizen, zeker in de zomer, voorgoed voorbij is?
Een groot stuk van de voormiddag breng ik in een hangmat door. Met lectuur en slaap. Rond elf uur de fiets op voor een korte rit naar Signy-l’Abbaye en dan terug via Lalobbe, Draize en Montmeillant. Dit korte ritje, een 30-tal kilometer, door een prachtig heuvelachtig landschap met veel weiden, bosschages, bosranden en alleenstaande bomen, is ook zonder bagage al zwaar genoeg. Na een douche maak ik samen met T nog een wandeling in de buurt. Hij gaat heel vriendelijk om met de andere dorpsbewoners. Een zekere Johan werd kort geleden door zijn vrouw verlaten. Al zijn dieren – een geit, konijnen, een van de twee paarden – zijn sindsdien gestorven. Johan blijft alleen achter. Hij plant bloemen in een stukje openbaar domein in de opgehoogde berm van de weg, tegenover zijn erf. De aarde is er aangevoerd en bevat veel glasscherven en metaal. Niemand weet waar die afval vandaan komt. De openbare wasplaats, die helemaal was ingezakt, werd onlangs vernieuwd en heeft uiteraard niet de patina van de oorspronkelijke constructie. De waterleiding bereikte dit afgelegen dorp pas in 1976. Tot dan was iedereen aangewezen op zijn eigen waterput. Die van T en M bleek tot dertig meter diep te gaan. We hebben het, samen met Johan, ook nog over de spectaculaire aanwas van het aantal windmolens aan de horizon, en over de consumptie van vlees.
Terug thuis is het alweer tijd voor het aperitief. Ik maak een portretfoto van T en M, die poseren voor hun ingepakte oldtimer Ami 8. Aan tafel hebben we alweer een goed gesprek, onder meer over de politiek. T en M stemmen allebei XXX. T heeft een nogal historiserend-relativerende blik op de mensheid: er zal altijd oorlog zijn; het kwaad zit in de mens; als de kleine man niet krijgt wat hij nodig heeft, zal hij het nemen…
vrijdag 7 augustus 2026
vorig jaar 421
7 augustus 2025
Om 7 uur ben ik in de bakkerij die ik gisterenavond op mijn wandeling heb gezien. Croissant en koffie. Een gezelschap, bestaande uit twee jongemannen, een erg jong meisje en een vrouw die waarschijnlijk haar moeder is, zit aan het tafeltje naast het mijne en praat over Oekraïne en over de maatschappij waarin we zijn komen te leven. Een van de jongemannen, met kleine oogjes van een nachtje stappen, zegt dat hij daar volledig buiten staat en ook wil staan: geen sécurité sociale, geen uitkeringen, gaat niet stemmen, etcetera. Het meisje zegt: ‘Quand j’avais douze ans.’ Dat klinkt alsof het een half leven geleden is maar ze kan het over hooguit drie of vier jaar terug in de tijd hebben. De andere jongeman, met basketpet, ruimt na het ontbijt alles netjes op.
Ik vertrek om halfacht uit Valenciennes. Met een hevige hoofdpijn, die gelukkig na een twintigtal kilometer verdwijnt. Ik fotografeer even buiten de stad een door bomen en groen overwoekerde bunker.
Ik zoek moeizaam mijn weg: Sebourg, Bry, Saint-Waast. In Bavay is om negen uur niets open. Behalve de grande surface, waar ik mijn inkopen doe. Die lijkt alle leven uit het stadje naar zich toe te hebben gezogen.
Picknick achter de kerk van Saint-Rémy-Chaussée. Het is nog maar elf uur. Een ambtenaar sloft de mairie in, en uit, en weer in, en weer uit. Alles op zijn tijd, geen haast. Enkele kilometers verderop zie ik een man zijn mobilhome poetsen. Ik vraag hem of hij mijn waterfles wil bijvullen. De mobilhome, zegt hij, is voor zijn dochter, die met haar dochter op reis gaat. Om zelf te reizen vindt de man zichzelf te oud. Hij bezorgt me gekoeld water, dat is meer dan ik had gevraagd.
Om halféén ben ik in Avesnes, waar ik een foto stuur naar G, die hier, toen we twintig jaar geleden samen met nog twee andere vrienden naar Marseille fietsten, een overstekende hond aanreed en zwaar ten val kwam waardoor hij de reis die hij zelf had georganiseerd in de volgwagen moest doorbrengen. Ik zie een koppel fietsreizigers op zoek naar iets en nodig hen uit om samen met mij een koffie te dringen op het terras van het café tegenover de kerk. Eric is informaticus; Constance werkt in het Musée Matisse in Le Cateau-Cambrésis. Ze zijn elf dagen samen onderweg, leggen 30 kilometer per dag af.
In Fourmies begint de hitte te wegen. De hellingen doen dat ook: mijn bagage, fiets en ik zijn, samen, te zwaar. Een raam waarachter een reproductie te zien is van een popart-schilderij van Lichtenstein trekt mijn aandacht. Een van de luiken die aan weerszijden van het raam zijn opgehangen hangt scheef.
Na Anor en Hirson begint in Bucilly het mooie dal van de Ton. Hier wonen blijkbaar veel Nederlanders, te zien aan de autonummerplaten. De Proxi van Aubenton brengt soelaas voor mijn suikerklop. Het wordt nu echt veel te heet. Na Aouste stuurt mijn gps mij de jungle in.
Om halfzes kom ik aan bij Mireille en Theo, twee Dendermondenaren die hier een deel van hun tweede verblijf verhuren aan passanten die, zoals ik, zijn ingeschreven bij de organisatie Vrienden op de Fiets. De ontvangst verloopt allerhartelijkst: met dorstlesser, een alcoholvrij biertje als apéro, een stevige maaltijd. Het klikt en we praten heel wat af. Theo was leraar lichamelijke opvoeding, Mireille onderwijzeres op een methodeschool. We behandelen uiteenlopende thema’s: verslavingen, individualisering in de maatschappij, etcetera.
Om tien uur naar bed. Twijfels of ik onder deze weersomstandigheden mijn reis kan voortzetten.
donderdag 6 augustus 2026
facebookbericht 1241
Dat was inderdaad een meer dan boeiende rit. Door een prachtig decor bovendien. Ik bleef aan het scherm gekluisterd. Jammer dat Reusser niet won. Dat mijn voorkeur naar haar uitgaat heeft evenwel redenen van louter libidineuze aard, moet ik toegeven. Een gebeeldhouwde kop die je blij doet zijn als ze eindelijk die joekel van een zonnebril afzet, en naar verluidt heeft zij een artsendiploma op zak. Maar ze mogen alle drie hoor! Van mij op het podium staan! In Nice! Nice!
vorig jaar 420
6 augustus 2025
Al om halfvijf op. Dit is de eerste dag van mijn nieuwe leven. (…) Het wordt stilaan klaar. Het is mooi weer. Ik ga alles inladen en vertrekken. (…) Om kwart voor zeven ben ik dan definitief weg. Beernem, Ruiselede, Wingene. In Kanegem ontbijt ik bij het standbeeld van Briek Schotte.
Na Olsene en Kruishouten kom ik op wegen waar ik nooit eerder met de fiets was. Anzegem en Kluisbergen. En dan is er Wallonië: Celles. Even voorbij Quartes nodigt een bank in de schaduw van een boom mij uit voor de picknick. Een man komt uit zijn boerderij aan de overkant van de weg op mij afgestapt. Niet om mij voor het een of het ander terecht te wijzen, waar ik natuurlijk aanvankelijk van uitging, maar gewoon om een praatje te maken. Hij heeft een blik frisse cola voor me meegebracht. Dat soort vriendelijkheid zijn wij, stugge Vlamingen, niet gewoon. Ik ben blij dat ik weer eens Frans kan praten. In Barry regel ik mijn overnachting. (…) Het stuk van Peruwelz naar Valenciennes is vervelend. Eerst een bijna volledig dichtgegroeide ravel waarop niets te zien is, dan verdwaal ik op een brede nationale met snel en druk verkeer. In Bruay-sur-l’Escaut vind ik eindelijk een café dat niet gesloten is. Maar ze hebben er geen koffie. Dan maar cola. Die suikers komen goed van pas want ik zat er bijna doorheen. De nadering van Valenciennes is erg triest. Drie op de vier winkels en horecazaken zijn gesloten. Het verval contrasteert scherp met de blitse tram die een eigen bedding heeft midden op de brede weg. Op de verlaten huizen groeien er bomen. Ik zeg het niet graag omdat het zogezegd niet politiek correct is, maar dit lijkt de Derde Wereld wel. Dat de scholen hier naar Georges Brassens en Henri Matisse worden genoemd, brengt geen zoden aan de dijk. Mijn zeer eenvoudige kamer in het Hôtel de Clémenceau kost 56 euro. Ik slenter door deze stad, waar ik nooit eerder kwam, drink een koffie aan het station en eet biefstuk-friet tegenover het stadhuis. De biefstuk smaakt naar niets en de frieten eigenlijk ook niet. (…) Om twintig over acht ben ik al terug op mijn kamer. Ik wil nog wat lezen en zal dan wellicht vroeg in slaap vallen – al is er behoorlijk wat lawaai op straat. Onder meer een ruziënd koppel. Hij: ‘Va te faire enculer!’, en dat voor de hele straat. Het meisje begint te gillen: ‘Au secours!’ (…)
woensdag 5 augustus 2026
37 * 43,8 * 23,2 * 136 * 2075,2
Sint-Martens-Latem - Nevele - Vosselare - Hansbeke - Aalter - Beernem - Moerbrugge - Steenbrugge - Brugge
36 * 43,8 * 25,2 * 127 * 2031,4
Brugge - Steenbrugge - Moerbrugge - Beernem - Aalter - Hansbeke - Vosselare - Nevele - Sint-Martens-Latem
vorig jaar 419
4 augustus 2025
*
(…)
5 augustus 2025
Ik ben samen met Benoni in een goudkleurige Porsche naar Parijs gereden om daar een voetbalmatch bij te wonen. Wanneer we na de wedstrijd het stadion verlaten en terug bij de Porsche aankomen, blijken de vier wielen, die waren uitgerust met superdure luxevelgen, te zijn gestolen.
*
(…)
*
Om zes uur mijn ritje door de Meetkerkse Moeren. Iets na zonsopgang. Het is bewolkt. Heeft het daarmee te maken dat het nog stiller is dan anders, dat de vogels niet van zich laten horen? Of is het de tijd van het jaar, met de lente al een heel eind in het verleden?
*
Samen met B ga ik bij kunstschilder Gilbert Hoste een schildersezel ophalen. Op zijn 84ste heeft Gilbert beslist om zijn palet aan de haak te hangen. Van beroep was hij kapper. Hij vertelt hoe moeilijk het was om na zijn huwelijk zijn beroepsleven te combineren met zijn ambitie als kunstschilder. In zijn woning aan de Koolkerkse Steenweg hangen enkele van zijn schilderijen. Ik zie Octave Landuyt-achtige koppen. Enkele abstracte composities ook. Niet geheel onverdienstelijk, maar in een andere context zouden deze doeken mijn aandacht niet vasthouden. Gilbert vertelt honderduit. Om niet te zeggen dat hij niet te stuiten is. Volgens B is Gilbert blij dat hij iemand te zien krijgt. Gilbert heeft het onder meer over de Brugse schilder Aimé Van Belleghem, die volgens hem in zijn tijd iets heeft betekend. Ik kende hem niet. Gilbert heeft het ook over de erfelijkheid van talent. En over de Nederlandse kunstenaar Martijn Doolaard, die ergens in de Italiaanse bergen een oude boerderij restaureert en dat uitgebreid documenteert op YouTube. Hij kan er uren naar zitten kijken, zegt Gilbert. Thuis bekijk ik een aflevering: https://www.youtube.com/c/MartijnDoolaard. Ik kan me voorstellen dat je hier lang naar kunt zitten kijken. We nemen met goede gezindheid afscheid van Gilbert, die ik, in ruil voor zijn ezel, een exemplaar van Vaderader ter overweging geef. Hij hoopt dat de ezel in goede handen is. Aan mij om dat waar te maken.
*
(…)
De gast van de eerste aflevering van Alleen Elvis blijft bestaan is Tine Embrechts. Deze krachtige vrouw heeft er geen moeite mee dat ze vijftig is. Ze begint met Gaza, aan de hand van een fragment uit de film For Sama, over de vrouw van een dokter in Aleppo. Ik heb die film gezien: indrukwekkend. Tine vindt het onaanvaardbaar dat onze politici zich in zwijgen hullen. En dat de premier afkwam met foto’s van zijn kat vond ze schokkend. Of neen, ‘stuitend’ is het woord dat ze gebruikt. Er was ook een fragment over een actrice die, toen ze veel jonger was, seksistische commentaren over zich heen kreeg omdat ze ‘te dik’ zou zijn. In een schitterende sequentie uit de film Marriage Story (2019) maakt Scarlett Johansson ruzie met haar tegenspeler, die uiteindelijk zijn agressie van haar afwendt door een gat in de muur te slaan. Tine spreekt ook over haar scheiding. Die was pijnlijk, uiteraard, maar ze is toch trots op de manier waarop ze het heeft aangepakt. Ze heeft vier zonen: twee uit de eerste en twee uit de volgende relatie. Ze heeft het over hoe moeilijk het is om die twee maal twee, met daar nog eens haar carrière bovenop, te combineren.






.jpg)





















