fragment uit Het maaiveld
Het
voetbal verloor stilaan zijn betovering. Zeker toen, als gevolg van
de veiligheidsmaatregelen die zelf waren voortgevloeid uit het
hooliganisme, de staanplaatsen door zitplaatsen werden vervangen.
Samen met de lonen van makelaars en spelers stegen de prijzen van de
toegangstickets. Vlaggen werden verboden. De Spionkop distantieerde
zich van het janhagel dat de westtribune had ingenomen. Kortom, dat
hele voetbal werd steeds minder een aangelegenheid voor Jan met de
Pet.
De
Heizel vormde acht jaar na de bekerfinale van 1977 het toneel van
verschrikkelijke gebeurtenissen die wij allemaal live op tv konden
volgen en waarnaar nog vele jaren later wordt verwezen met het woord
‘Heizeldrama’. Op de Heizel verloor, in mijn beleving, het
voetbal definitief zijn onschuld.

Nu,
anno 2021, is het hele spelletje helemaal om zeep. Nergens anders
wordt de diepe werking van de kapitalistische logica zo cynisch
zichtbaar gemaakt en tegelijk zo cynisch ongemoeid gelaten als in het
voetbal. De concentratie van het geld heeft ervoor gezorgd dat in
heel Europa nog een tiental clubs de plak zwaaien. Zij kopen alle
beste spelers op, zij houden de mensenhandel in stand, zij fungeren
als witwasmachines voor duister geld uit de Emiraten, maar ook uit de
voormalige Oostbloklanden en, dichter bij huis, de zakken van de
autochtone maffia’s. Sympathieke ploegjes als Club Brugge – waar
nochtans ook vele miljoenen rondgaan en die al evenzeer het speeltje
zijn van magnaten – komen er niet meer aan te pas. Real Madrid,
Manchester City, Juventus Turijn, Bayern München, Paris
Saint-Germain en nog een paar andere geldmachines verdelen de poen
onder elkaar op het miljoenenbal van de Champions League, en de rest
mag meedoen als garnituur.
Dat
is de hele superstructuur. Maar het voetbal is ook op zich verziekt.
De mores op het veld en in de bestuurszetels namen een duik. Spelers
binden zich niet meer aan een club maar spelen enkel nog voor de
etalage, in de hoop een lucratieve transfer te versieren. De
samenstelling van de ploegen wordt steeds exotischer en achter elke
opgestelde Afrikaan staat een leger van zwarte jongens die het niet
hebben gehaald en die in een of andere illegaliteit belanden. Het
spel zelf is sneller en – op hoog niveau – mooier om naar te
kijken, maar het wordt ontsierd door beenharde tackles en vooral door
het eeuwige veinzen en mekkeren door vedetten die bij de minste
aanraking – hoewel voetbal toch een contactsport is – kermend
over het gras rollen, om dan weer snel op te staan wanneer blijkt dat
de scheidsrechter niet bereid is om zich door hun komedie te laten
misleiden. Is de bal uit, dan zie je altijd, maar dan ook altijd,
allebei de rivaliserende spelers die het duel aangingen de ingooi of
hoekschop claimen. Schwalbes
worden
zelden correct bestraft. Enzovoort. Toch vreemd dat dergelijke zaken
in bijvoorbeeld rugby niet voorkomen. Of nog niet.