dinsdag 6 oktober 2026

vorig jaar 468

6 oktober 2025

Een lange fietstocht met een vrouw – is het R, of S, of P? We vertrekken uit het Pajottenland (waar ik nog niet zo lang geleden met R fietste) en komen door het Meetjesland, langs kreken en onder bomenrijen. In een tweede droom moet ik examen afleggen over een aantal artikels die ik vooraf moest lezen. Ik krijg vragen over de Noordzeehavens ten tijde van de verzanding van het Zwin en over de toekomstige economische ontwikkelingen in Kosovo. ‘Wat zijn de twee belangrijkste economische groeipolen in Kosovo?’ Ik gok op wintersport en de fabricage van elektronische chips. Ik bak er niet veel van, van dat examen. Ik besef dat ik de artikels veel te slordig heb gelezen. Nadat ik wakker ben geworden, maak ik me de bedenking dat ik over het algemeen veel te slordig lees. Waarom lees ik zoveel als ik er toch niets van onthoud?

*

(…) kijkdag bij Bonte. Een stel van acht lederen designstoelen trekt mijn aandacht. Ze bevinden zich in goede staat. 1600 euro. Ze zouden de groengele neplederen brolstoelen kunnen vervangen die ik zeven jaar geleden in Oedelem kocht maar die nu al volop beginnen af te bladderen. Ik heb ook belangstelling voor een schilderij met een forse boom – vraagprijs 200 euro. Het is van de hand van een zekere Frans Slager. Ik zoek het thuis op: de man heeft een eigen Wikipedia-pagina. (…)



*

Tijdens de leesclubbijeenkomst (over Ochtend in Jenin van Susan Abulhawa) blijkt een van de leesclubleden een uitgesproken zionistisch standpunt te huldigen. Dat hadden we niet zien aankomen. Polarisering in werking – ik schrijf er achteraf notitie 491 over. De bijeenkomst duurt een uur langer dan normaal. We slagen erin om de open confrontatie in een vreedzaam staakt-het-vuren om te buigen: de lieve vrede.


8069

P. in Watou - 260813


maandag 5 oktober 2026

vorig jaar 467

4 oktober 2025

(…)

*

X belt. Gewoon om eens wat te babbelen. (…) Hij klinkt goed, hoewel het hem, zo blijkt uit wat hij vertelt, toch niet erg goed vergaat. De medicatie is erg zwaar en slaat toch niet goed aan. Hij zegt dat hij zich de laatste tijd veel met YouTube bezighoudt en met Franse liedjes. Hij heeft Renaud ontdekt. Ik geef hem enkele tips: Alain Bashung, Gérald de Palmas…

*

De laatste aflevering van Helsinki Syndrome. Waar in het Stockholmsyndroom sprake is van een of enkele gegijzelden die in de ban geraken van een gijzelnemer, is hier sprake van een hele natie die instemt met de complottheorie van een enkeling. De serie lijkt mij een commentaar te zijn op de antivaxbeweging ten tijde van corona.

*

(…)


5 oktober 2025

In mijn laatste droom vat ik het plan op om mijn vrienden te portretteren, een idee dat ik in mijn wakende bestaan al vaak had, maar dit keer wil ik hen vatten in hun interieurs, om zo een betere kijk te verschaffen op wie ze zijn. Die reeks zou ik dan combineren met portretten van Gazanen in hun tenten of voorlopige constructies of wat het ook moge zijn waarin ze beschutting zoeken tegen de bombardementen.

*

De Tovenaar van Colm Tóibín stelt mij ten zeerste teleur. Het is gewoon een in romanvorm neergezette compilatie, met personages en dialogen, van de biografieën en monografieën die Tóibín gelezen heeft. Het enige creatieve dat hij heeft toegevoegd, zijn bepaalde inhoudelijke accenten. Zo richt hij toch wel heel opvallend de aandacht op alles wat met homoseksualiteit te maken heeft en, als het over Thomas Mann gaat, de voorliefde voor jonge knapen. De definitie van een klassiek boek volgens Italo Calvino – ‘een boek dat niet ophoudt met zeggen wat het te zeggen heeft’ – gaat hier zeker niet op. Wanneer Tóibín Mann op de campus van Harvard voorbij het zwembad laat wandelen (pp. 316-317) en hem daarbij laat dagdromen over naakt zwemmende studenten, wordt het meer dan irritant: dit is effenaf potsierlijk en ergerlijk. Ik mis schoonheid in dit veel te dikke boek. Welbeschouwd verschilt de ‘roman’ van Tóibín uiteindelijk niet zo heel veel van De familie Mann van Tilmann Lahme. En dat vermeerdert nog mijn ongenoegen want waar is dat fictionaliseren dan voor nodig, met bijvoorbeeld het verzinnen van gesprekken, als een wetenschappelijk werk, met een uitgebreid voetnotenapparaat dat de herkomst van elk aangebracht feit nauwkeurig aangeeft, precies hetzelfde resultaat oplevert – minus Tóibíns literaire pretentie welteverstaan, een pretentie die niet wordt waargemaakt.

*

(…)

*

Misschien minder ergerlijk dan De Tovenaar, maar toch ook ergerlijk, zijn de bijzonder slordige, bijna in telegramstijl geschreven memoires van Golo Mann (In de schaduw van de tovenaar). Ook hier is er die opvallende aandacht voor homoseksuele impulsen. Dat lijkt toch een constante bij schrijvers met die geaardheid. Heeft het met te maken met de tijd waarin ze actief zijn, een tijd waarin het nog niet evident was om voor hun geaardheid uit te komen? (…)

*

(…)

*

(500) Days of Summer van Marc Webb (2009) is een leuke, goed in elkaar gepuzzelde feelgood-romantische komedie. Schijnbaar oppervlakkig in het begin, maar gaandeweg toch redelijk diepzinnig omdat het gaat over de onaanvaardbare contingentie waarmee elke verliefdheid, die per definitie absoluut en totaal is en geen toeval aanvaardt, zich geconfronteerd weet. ‘Er zwemt nog vis genoeg in de zee.’ Ja, dat kun je nog zeggen als je 25 bent, maar houdt het nog steek voor iemand van bijna 64?’

*

(…)

8068

Watou - 260813


zondag 4 oktober 2026

getekend 535

251116


46 * 53,4 * 26,2 * 147 * 2594,3

Zuienkerke - Wenduine - De Haan - Bredene - Sint-Pieters




8067

 

Watou - 260813

boekverhaal 82

In deze rubriek heb ik het over door mij gelezen of in mijn bezit zijnde boeken waar een verhaal aan vasthangt of die iets bijzonders voor mij betekenen.

Boudewijn Büch, Eenzaam


Nesofilie




Er is een tijd geweest dat ik redelijk tuk was op de door de VPRO uitgezonden afleveringen van De wereld van Boudewijn Büch. De overenthousiaste bedenker-maker-reiziger koos eigengereid voor überexotische bestemmingen. De slordige cameravoering en nabewerking versterkten de indruk van improvisatie en avontuur. Onderwerpen werden belicht waarvan de kijker, tot voor BB daar op een van zijn zwerftochten bij was aanbeland, het bestaan niet bevroedde. Er staat me van die door het laatste bastion van beschaving VPRO uitgezonden reeks hier en daar een nog niet aan algehele vervaging uitgeleverd beeld voor ogen van een half door weer en wind uitgewiste tekst op een scheef in de grond gezakte zerk of van een afbrokkelende vuurtoren uit een tijd dat galjoenen terugkeerden uit verre oorden die, volgens de destijds vigerende wetgevingen, nog niet wederrechtelijk werden leeggeplunderd, en die hier, met onschatbare rijkdommen volgeladen precies op die onverhoeds uit schuimende golven opduikende klippen liepen waarvoor die toren wilde waarschuwen. Ik weet het, ik fantaseer en sla tijdperken door elkaar: galjoenen en vuurtorens horen niet samen. Wat me wel min of meer nauwkeurig is bijgebleven, is de sfeer van neurotische zenuwachtigheid, gejaagdheid en een vorm van m’enfoutisme die een niet mis te verstane boodschap inhield: ‘Zolang de kijkcijfers dit balletje hoog houden, doe ik toch maar fijn mijn ding, ik amuseer me, ik ga waar ik heen wil gaan, liefst zo ver mogelijk verwijderd van de knusse beschaving, en het mag al iets kosten.’

Dat was Boudewijn Büch ten voeten uit: non-conformist, in de twintigste eeuw verdwaalde achttiende-eeuwse melancholicus, obsessioneel verzamelaar, notoire feestneus, losgeslagen kruising tussen Goethe en Jagger, lijder aan alle mogelijke psychische aandoeningen die we vandaag met afkortingen benoemen.

Als kleine ondernemer zorgde BB er ook voor dat zijn reizen in boeken werden neergeslagen.

Ik neem het reeds twee keer – in mei 1995 en december 2019 – gelezen boek Eenzaam ter hand en vind daarin – pp. 96-98 – in het hoofdstuk ‘Onze grond’ enkele zeer merkwaardige anekdotes over het streven van de nationaalsocialisten om met delen van Antarctica tegemoet te komen aan hun behoefte aan Lebensraum. Voor de germanofiele goetheoloog en nesofiel (een door hemzelf uitgevonden geleerderig woord dat eilandenliefhebber betekent) is dat een voldoende reden om ter plekke sporen van deze bizarre kronkel in de geschiedenis op te zoeken. Zo heeft hij het over de ‘Schwabenland-Expedition’, die op 17 december 1938 vertrok vanuit Hamburg, met ‘twee Dornier-“katapultvliegtuigen”’ aan boord. De vliegtuigen werden ingezet om luchtfoto’s te maken van het ‘beijzelde Dronning Maud Land’. De ‘boordfotografen kiekten 250.000 vierkante kilometer land en bevroren zee’, maar achteraf vergat men de 11.600 foto’s ‘van geografische lengte- en breedtegraadaanduidingen te voorzien’. ‘Nog steeds,’ concludeert Büch, ‘kan geen Duits Poolgeleerde iets beginnen met al die foto’s die slechts wit, wit en nog eens wit laten zien’. Deze expeditie leidde tot de claim van het Derde Rijk op dit onherbergzame stuk ijswoestijn, dat prompt tot Neuschwabenland werd omgedoopt. Na der Untergang keerde het gebied terug tot de status die het voor de Duitse bemoeienis had: die van Noorse dependentie.

Het wetenschappelijk gehalte van Büchs reisrelazen is, op zijn zachtst gezegd, betwistbaar. Hij beschrijft wat hij hapsnap leest en ziet – zonder al te veel verificatie en toetsing. Alsof hij zich voldoende gedekt weet door het exotisme en de exclusiviteit van zijn onderwerpen. ‘Wie zal zich de moeite getroosten om mijn verhaal te checken of om het, op basis van eigen onderzoek of zeer uitvoerig gesnuister in archieven en antiquariaten, te verifiëren’: je hoort het hem denken. Het is branie. Het is bluf en bravoure. Het is Boudewijn Büch – en de man zadelde zichzelf met zijn verzonnen autobiografische verhalen dan ook gaandeweg op met een reputatie van onbetrouwbare fabuleerder en fantast. Vergeet ook niet: dit zijn – grotendeels (Büch overleed in 2002) – pre-internettijden. De vrijheid om op onontgonnen terrein van alles uit de mouw te schudden was toen veel groter.

Maar het heeft wel tot een reeks zeer onderhoudende eilandboeken geleid: Eilanden, Eenzaam, Het ijspaleis, Blauwzee en Leeg en kaal. Veel afleveringen van de tv-reeks De wereld van Boudewijn Büch kunnen op YouTube worden bekeken.

zaterdag 3 oktober 2026

getekend 534

251101


vorig jaar 466

3 oktober 2025

(…)

*

Medische zorgen over het pijnlijke been dat mij het stappen belet. Mijn huisdokter doet mij enkele oefeningen doen maar kan niets vaststellen, en stuurt mij naar de radioloog. Ik kan meteen een afspraak maken. Ook hij kan, zo blijkt uit de brief die ik meekrijg, niets zien dat een ‘structurele’ verklaring kan bieden voor de pijn die ik voel. Maar ik heb me die pijn toch niet ingebeeld? Hoewel het om mijn heup gaat, de heup die werd gerepareerd na mijn ongeval van zeven jaar geleden, stroopt de radioloog mijn slip haast volledig af om met zijn echografiestick tot diep in mijn lies te gaan. Hij legt mij niet uit wat hij daar te zoeken heeft. Ondertussen informeert hij vriendelijk naar mijn geboorteplaats. Ik stel mij de vraag, terwijl ik niets anders kan dan haar ondergaan, wanneer een medische handeling grensoverschrijdend wordt. Waar ligt de grens? Hoe bepaal je dat? En wat kun je daar als patiënt tegen ondernemen?

*

Peter Six
'Blauwe kat', digital painting (nov 2025)
Vijf mensen zijn aanwezig op de vernissage van de tentoonstelling van Peter Six in wat een winkelpand moet zijn geweest in de Katelijnestraat. De met een iPad gemaakte en geprinte tekeningen zeggen mij weinig, gelukkig zijn er ook een paar échte tekeningen, acryl op papier. Uit sympathie koop ik er eentje, voorstellend een gebouw met overwegend gele kleuren, 10 x 15 schat ik. (…) Na een kwartier sta ik terug buiten, te vroeg voor de vernissage van de tentoonstelling naar aanleiding van de herdenking van het honderdste geboortejaar van de Brugse dichter Marc Braet in de Bogaardenkapel. Ik overbrug de tijd in een café op de hoek aan de Kruispoort met een Chouffe 0% en De dictatuur van het simplisme van Frans Aerts. In de Bogaardenkapel zie ik veel bekend volk, de oude garde zeg maar. Ik praat met, onder meer: Margret, Pierre (die in zijn inleiding schepen Blontrock opriep om het stadsbestuur te overtuigen om iets te ondernemen voor Gaza), Hugo, Arnold, Tijs, Karel (…) en Joannes, die weet te melden dat het slecht gaat met Frans, die met Altzheimer is opgenomen in een instelling. Na de receptie zak ik met Hans, Brigitte en Nicky af naar de Mojo in de Schaarstraat, waar ik, gezeten tussen Kurt en Marlies, twee Viven Nada’s drink en erg dure hapjes verorber. Hans steelt de show met een imitatie van zijn Hollandse campingburen, die in de werkelijkheid waar hij hen te verduren had minder leuk waren dan hier op café.

facebookbericht 1253

Vooruit in Vlaamse meerderheid medeverantwoordelijk voor kaalslag in Cultuur

Wat is de visie van Vooruit? Ik ben er zeker van dat ze, mochten ze in de oppositie zitten, precies het omgekeerde zouden nastreven van wat ze nu, machteloos en volgzaam, helpen verwezenlijken. Er vallen wat die houding betreft zeker gelijkenissen te ontwaren tussen de Vlaamse regering en bepaalde dossiers die de zogenaamde socialisten in de Brugse meerderheid helpen doordrukken of tegenhouden. 

8066

M. in Watou - 260813


vrijdag 2 oktober 2026

vorig jaar 465

2 oktober 2025


De Tovenaar van Colm Tóibín stelt me teleur. De obsessies van de auteur en zijn homo-erotische blik komen voor zijn personages te staan, waardoor die niet veel méér zijn dan namen op papier. Na 130 bladzijden heb ik mijn belangstelling verloren. Nog meer dan 400 te gaan. Mocht ik op 4 februari 2022 geen 26 euro aan dit boek hebben besteed, ik zou het warschijnlijk voor bekeken houden. Maar nu doe ik voort want mijn moeder heeft mij geleerd spaarzaam te zijn.

*

(…) We hadden het even over het feit dat Israël de vredesvloot van activisten heeft tegengehouden in internationale wateren: een flagrante schending van het zeerecht. Maar ja, wat zijn internationale rechtsregels vandaag nog waard? Ook in dat opzicht wordt de oorlog die er zit aan te komen voorbereid.

*

(…)

*

Tien jaar geleden zag ik De battre mon coeur s’est arrêté (Jacques Audiard, 2005) een eerste keer. Ik herinner mij dat ik toen onder de indruk was. Dat gevoel blijft overeind bij deze sterke mengeling van hard en zacht, van criminaliteit en gesofisticeerd pianospel. Uitstekende vertolking van de zeer pregnante hoofdrolspeler Romain Duris.



 

8065

I. - 260811


donderdag 1 oktober 2026

getekend 533

251026


facebookbericht 1252

KAALSLAG IN DE CULTUURSECTOR

Ik dacht dat de flaminganten strijden voor de 'Vlaamse identiteit', en dat 'Vlaamse identiteit' iets met cultuur en kunst te maken heeft. Toch?

Ik heb mij vergist. De Vlaamse identiteit waar die identitaire flaminganten voor strijden draait rond ratio en rendement. Cultuur en kunst, dat is voor lastigaards, linkiewinkies en nestbevuilers.

Dat uitgerekend een zogezegd socialistische minister dit vuile werkje moet opknappen, zegt veel over hoe diep Vooruit bereid is om te zakken. Vooruit is de partij van de sociale afbraak en de neoliberale anticultuurcollaboratie.

vorig jaar 464

1 oktober 2025

(…)

*

Een geschiedenisloze dag, die volledig aan werken opgaat. Behoudens Blokken tijdens mijn middageten en een zijdelingse blik op het Europees kampioenschap tijdrijden tussen Drôme en Rhône, gewonnen door Remco Evenepoel, en, ‘s avonds, een aflevering van Helsinki Syndrome, een Finse reeks over een gijzeling op een krantenredactie, en een documentaire over de indertijd spraakmakende film Deep Throat (1972) (…), die, naar verluidt want ik heb hem nooit gezien, draait rond het vermogen van de hoofdactrice (in de film heet ze Linda Lovelace), om 'groot geschapen' mannen oraal te bedienen. De documentaire gaat over de zogenaamd ‘bevrijdende’ rol die porno in de vroege jaren zeventig speelde in de VS, en over de manier waarop feministen daarop reageerden. Linda werd aanvankelijk door hen uitgespuwd omdat ze zich al te gemakkelijk door de mannelijke blik had laten objectiveren. Later bleek dat ze jaren aan een stuk was misbruikt (wat haar niet had belet zich de roem te laten welgevallen), waarna ze zich ontpopte tot feministisch boegbeeld.


8064

Meetkerke - 260811


woensdag 30 september 2026

facebookbericht 1251

In het VRT-radionieuws van 15 uur (op Radio 1) worden de in de Septemberverklaring aangekondigde besparingen bij de VRT (10 miljoen euro) prominent naar voren geschoven. In het VRT-radionieuws van 19 uur worden ze niet vermeld. Ook in het VRT-televisiejournaal van 19 uur geen woord daarover.

VRT moet extra besparen, vakbonden zijn “woedend” en kondigen “zware acties” aan | De Standaard

vorig jaar 463

29 september 2025

(…)

30 september 2025

Om halfvijf op, met hoofdpijn. In La psychanalyse du feu heeft Gaston Bachelard het over hoe de mensen vroeger, in een ‘prewetenschappelijke tijd’ tegen vuur aankeken. Heel vreemde bladzijden. Interessant kan ik het nauwelijks noemen; ik beschouw deze lectuur dan ook als een oefening Frans.

*

Tussen het Centraal Station en mijn werk zak ik door mijn been. Het zat er al geruime tijd aan te komen, maar nu lijken onderzoeken en eventuele reparaties niet meer te vermijden. (…)

*

Ik geraak met de grootste moeite terug in het station en mis door mijn gestrompel mijn trein. In afwachting van de volgende geraak ik in gesprek met twee Amerikaanse toeristen die op weg zijn naar Brugge. Ze vragen me wat ze daar zeker moeten zien. (…) Op de vraag of ik er goede restaurants weet, moet ik het antwoord schuldig blijven.

*

Heen en terug op de trein herlees ik, met het oog op het schrijven van een boekverhaal, Lof der banaliteit van Frans Aerts. Ongegeneerd cultuurpessimisme uit een tijd dat je daar nog mee wegkwam. Toen je nog niet te gehoorzamen had aan de ‘verdomde plicht’ om altijd een uitweg, een reden tot hoop te benadrukken.

*

(…)


8063

Meetkerke - 260811


dinsdag 29 september 2026

boekverhaal 81

In deze rubriek heb ik het over door mij gelezen of in mijn bezit zijnde boeken waar een verhaal aan vasthangt of die iets bijzonders voor mij betekenen.

april 1995

J.M.H. Berckmans, Taxi naar de Boerhaavestraat


Vuurwerk

Recent kwam J.M.H. Berckmans opnieuw in de belangstelling. Achttien jaar na zijn overlijden op 54-jarige leeftijd in 2008 werd in een 1350 bladzijden tellende, Barakstad genaamde baksteen zijn verzameld oeuvre opnieuw tot leven gewekt. Op een groots georganiseerde boekvoorstelling spraken een aantal coryfeeën van de Vlaamse letteren hun bewondering uit voor hun in miserie weggedeemsterde collega. Hij werd er bejubeld als de beatschrijver, als de howlende Allen Ginsberg en punkprozapleger van de Vlaamse literatuur, als de vaandeldrager van Generatie Nix, als de erfgenaam van Beckett en Boon. Enfin, ik was zelf niet aanwezig op die boekvoorstelling, maar het zal wel in die richting zijn gegaan – ik baseer mij voor deze korte evocatie op de verslagjes die mij via Facebook bereikten.

Niet dat J.M.H. Berckmans al helemaal vergeten is. Zijn boeken, waarvan er toen hij nog leefde meestal maar een paar honderd exemplaren een koper vonden en die derhalve, bij mijn weten, nooit een tweede druk haalden, genieten tegenwoordig de status van collector’s item. Op de tweedehandsmarkt halen ze bedragen die hun nieuwprijs, nog in Belgische franken uitgedrukt, overtreffen. Toen ik een paar jaar geleden het voorrecht had om uit de privébibliotheek van een overleden literatuurliefhebber uit Assebroek ten eigen gerieve een keuze te maken – ‘Anders belandt het toch maar op de container,’ zei de niet-bibliofiele erfgenaam –, trof ik in die nalatenschap ook wat berckmansiana. Ik heb ze niet meegenomen omdat ik (a) de kans klein achtte dat ik ze ooit zou lezen, maar ook omdat ik (b) het mijn plicht vond om de erfgenaam te wijzen op hun pecuniaire waarde: mits wat zoekwerk op occasiesites of een telefoontje naar een antiquariaat zouden ze mogelijk nog een flinke cent blijken op te leveren. Ik weet niet of de goede man mijn advies heeft opgevolgd, dan wel of hij de kleinodiën alsnog op de container heeft gekieperd.

Om maar te zeggen: de eeuwigheidswaarde van de schone letteren is relatief en staat niet in een rechtevenredige verhouding met de geboden kwaliteit.

Kwaliteit? Ik neem eens het zorgvuldig uitgegeven en dito door Dooreman vormgegeven drukwerk 4 laatste verhalen ter hand. Het werd – postuum – uitgebracht in 2009. Ik verwierf het acht jaar later voor enkele eurocenten op de jaarlijkse kiloverkoop van de Brugse stadsbibliotheek. Het boek zag er zo goed als ongelezen uit, wat ook de reden moet zijn geweest voor de genadeloze verwijdering uit de collectie. Van de 128 bladzijden zijn er slechts 86 met door Berckmans geschreven tekst bedrukt: vier ‘verhalen’ en ‘enige nagelaten brieven’ aan een zekere Kristien. (Dat zal wel niet Kristien Hemmerechts zijn geweest.) Er volgt nog een 4 bladzijden tellend anoniem (!) nawoord. De rest bestaat voornamelijk uit witruimte en maagdelijke bladzijden.

De 4 laatste verhalen, en vooral de hele sfeer die erin is neergeslagen, katapulteren me dertig jaar terug in de tijd, toen ik dit werk en de auteur ervan met, toegegeven, gemengde gevoelens leerde kennen. Desalniettemin droeg ik als de literair journalist die ik toen was mijn steentje bij tot de Berckmanshype – getuige daarvan de wervende quote van mijn hand op het achterplat van Bericht uit Klein Konstantinopel, een verhalenbundel uit 1996: ‘Een tekst van Berckmans is vuurwerk.’

Een willekeurig gekozen citaat – boek openslaan, vinger op een passage leggen – doet meteen de hele Berckmans-sfeer herleven: ‘En welja mijn naam is Schraalhans Keukenmeester, ondoorvoed en onvoldaan, and Yes, my name it is Sam Hall and Fuck ‘em all, is het niet, m’n lieve Rachel Zilverschat.’ (4 laatste verhalen, 75) Bij wijze van tegenproef, zelfde vinger, andere bladzijde: ‘Het zij nu eenmaal zo, ‘t zij altijd zo, ‘t zij om Godswil altijd zo, laat me niet alleen, dan kan ik nadenken en hoef ik niet langer te denken aan Jan & Alleman & Pontius & Pilatus, Kristus Jezus, Barabbas in een kroonluchter naast het Maltezer kruisje van ons hypotetische huisje.’ (sic en ibid., 105-106)




Het boek dat ik, in drukproefvorm, las ter voorbereiding van het interview dat ik in 1995 van J.M.H. Berckmans afnam – Taxi naar de Boerhaavestraat – heb ik niet bij de hand om uit te citeren want ik heb het niet meer in mijn bezit (of heb het nooit gehad, dat herinner ik me niet meer). Ik herinner me wel vaag de setting waarin het gesprek plaatsvond – ik citeer uit het interview, zoals het op donderdag 13 april 1995 verscheen in De Standaard der Letteren: ‘één hoog: een appartement met kleine kamers en lage plafonds. Het is er kil en grauw. Niet bepaald ordelijk ook. Op de tafel bij het raam staat een tekstverwerker. Tegen de muur een rek met boeken. En overal: paperassen en asbakken.’ Berckmans was toen 41 jaar oud en goed op weg naar de lagere wal waar hij uiteindelijk zou wegkwijnen en verdwijnen.

Het hierboven geciteerde achterplatcitaat is niet bepaald een literair hoogstandje, dat geef ik grif toe. Mocht ik geweten hebben dat de achterplatredacteur uitgerekend dat ene zinnetje uit het interview zou plukken, dan had ik er zeker iets over een in eigen hand ontploffende vuurpijl aan toegevoegd. Of iets met een dak dat afbrandt door een verdwaalde gillende keukenmeid. Ik herinner mij dat ik het niet voor de volle honderd procent meende toen ik het zinnetje schreef. En dat was niet omdat ik helemaal niet van vuurwerk houd.

Ik geef toe: ik ben even in de verleiding gekomen om Barakstad te kopen, maar ik heb daar dan toch aan kunnen weerstaan.

8062

Oedelem, Maandagse - 260808


maandag 28 september 2026

getekend 532



vorig jaar 462

28 september 2025

Ondanks het mooie nazomerweer kom ik er in de voormiddag niet toe naar buiten te gaan, laat staan een lange rit met de koersfiets te maken. Neen, al mijn tijd gaat op aan lectuur: De familie Mann, Golo Mann en De Tovenaar van Colm Tóibín, dat nogal teleurstellend begint, vind ik. Ook op WhatsApp blijft het stil: (…).

*

In De Zevende Dag laat kandidaat-voorzitter Frédéric De Gucht zich kennen als exempel van het ondernemende, vlotte, vastberaden en welbespraakte type. Die gaat het nog ver schoppen, denk je dan – als hij er tenminste in slaagt om zijn zinkende partij boven water te houden.

*

Na de middag kijk ik naar het WK wielrennen in Rwanda. Het koersverloop is nogal saai. Ik wissel het kijken af met lectuur. Wanneer Pogačar binnen is, Evenepoel zijn ontgoocheling zit te verbijten en dictator Kagame de medailles heeft uitgereikt, maak ik alsnog een wandelingetje.




8061

Oedelem, Vliegend Paard - 260808


zondag 27 september 2026

vorig jaar 461

26 september 2025

(…)

*

Stephan Vanfleteren krijgt op de radio twee uur om zelfgenoegzaam en zichzelf mystificerend te fleteren over zijn zeefoto’s, die nu op een intens gehypete tentoonstelling in het Gentse Museum voor Schone Kunsten te zien zijn. Dat gewauwel over de mysterieuze diepten van de aanrollende golven, die zeer geheimvol accorderen met het gevoel die tezelfdertijd vanuit zijn diepste onzekerheden opwelt. Of zoiets. Ach…


Foto: Martin Corlazzoli / MSK Gent

*

(…)

*

Spoorloos van George Sluizer (1988), naar het Het gouden ei van Tim Krabbé, dat ik meteen na de film begin te herlezen. Goed opgebouwd en vernuftig gemonteerd, maar wel nogal stuntelig geacteerd. Als je de uitkomst van het verhaal kent, wérkt het niet meer.


27 september 2025

Ik luister geregeld naar Voorproevers. Ik weet dat er zijn die haar onuitstaanbaar vinden, maar volgens mij heeft Annemie Peeters een weliswaar onconventionele maar toch efficiënte manier om een gesprek te sturen en om in dat gesprek in amper één uur tijd veel facetten van het onderwerp aan bod te laten komen. Waar ik me echter wel aan stoor, is haar blijkbaar onstuitbare neiging om telkens, te pas en ten onpas, lucht te geven aan haar feministisch geïnspireerde vooringenomenheden. Zo gaat het vandaag over Albert Einstein, een van de grootste geesten van de twintigste eeuw, maar Annemie blijft haperen aan het feit dat de man, zoals veel mannen, een neiging tot promiscuïteit vertoonde. Hij reed met andere woorden al eens een scheve schaats. ‘Zeer menselijk,’ vindt de geïnterviewde Einsteinoloog. ‘Zeer mannelijk,’ hoor je Annemie denken, die lijkt over het hoofd te zien dat promiscuïteit geen exclusief mannelijke aangelegenheid is. (…)

*

Ik fiets naar Oostende voor de ‘stand-up’ voor Palestina op het Wapenplein. Een twintigtal mensen staan op een rij met bordjes waarmee ze de genocide in Gaza aanklagen. En ze staan daar elke week, onbeweeglijk en stil. (…) Je krijgt nogal wat specimen van de mensensoort te zien tijdens zo’n uurtje mensen-kijken in een Oostendse winkelstraat. Lelijke, dikke, strompelende, slechtgeklede, norse mensen. Gelukkig zijn er nogal wat die laten merken dat ze het eens zijn met de uitgedragen boodschap. En dan zijn er de curiositeiten, te gek om te bedenken. Zoals die man die door Oostende wandelt met een bordje ‘Lekker genieten in bed van het heen en weer wippen, op en neer.’ Of iets van die strekking. ‘Je zou een boek kunnen schrijven over wat er hier allemaal in een uur tijd passeert,’ zegt de man links van mij. Ja, dat zou je als een Perec moeten doen: een korte beschrijving maken van de vijfhonderd mensen die hier in dat ene uur passeren. Wat ze dragen, hoe ze ons negeren of integendeel blijven staan, hoe ze stappen of strompelen, hoe ze met elkaar omgaan. Aan mijn rechterzijde staat een jongeman, zijn huid wat donkerder. Hij woont al acht maanden in Oostende, zegt hij in gebroken Nederlands. Ik vraag hem waar hij vandaan komt. Hij komt uit Gaza.

*

Ik ga nog mee met C en W voor een koffie. Ik zie hen voor mij uit lopen: W streelt C’s rug. Achteraf laat ik hen weten hoeveel plezier het me deed dat te zien. W vertelt iets over het nummer ‘As’ van Stevie Wonder. Wanneer ik thuis ben, stuurt C me een filmpje van W, die zuinigjes maar toch ook wel cool danst, of beweegt, op ‘As’ van Stevie Wonder.

*

Voor Reizen Waes is Tom Waes naar Taiwan gereisd. Een waarzegster voorspelt hem een gelukkige toekomst, vrij van ongelukken. Tussen de opnames van dit programma en de uitzending ervan is Waes ladderzat met zijn groene vintage Porsche tegen een botsabsorpatievoertuig geknald, een ongeluk dat hij ternauwernood heeft overleefd. We krijgen in het programma ook nog te zien hoe Taiwanese mannen aan hun ballen bevestigde gewichten heen en weer laten slingeren, en hoe in een of ander Taiwanees stadje tijdens een vuurwerkfestival duizenden vuurpijlen op de menigte worden afgeschoten. Stoer is wie het meest wordt geraakt. Rare jongens, die Taiwanezen.




*

X stuurt me een in De Morgen gepubliceerde tekst van David Van Reybrouck. Ik heb het moeilijk met DVR. Die meligheid, vaak. En hoe hij schijnt te denken dat elk woord dat uit zijn mond/pen stroomt onmiddellijk in publicabel goud verandert. In deze tekst zegt hij eigenlijk niet veel méér dan dat we de hoop niet mogen laten varen.

*

(…)

8060

Hansbeke - 260805


zaterdag 26 september 2026

facebookbericht 1250


Groen Brugge is slechts een van de partners. Laat uw deelname daar niet van afhangen. Ik mag veronderstellen dat ook andere strekkingen en organisaties de urgentie inzien en op 11 oktober naar Brussel zullen trekken om er deel te nemen aan de hopelijk grootste klimaatbetoging die ons land ooit zal hebben gezien. U vindt vast en zeker de vlag en het kleur die het best bij u passen. Zeker nu onze bewindslieden de ene onverantwoorde beslissing na de andere nemen (fossiele subsidies, ruimtelijke ordening, bomenkap, landbouwareaal, de behandeling van zogezegd 'illegale' vluchtelingen die meestal klimaatvluchtelingen zijn...) en niet bij machte lijken om de - zoals afgelopen zomer is gebleken - snel verergerende situatie (oversterfte, branden, droogte...) écht onder ogen te zien.

boekverhaal 80

In deze rubriek heb ik het over door mij gelezen of in mijn bezit zijnde boeken waar een verhaal aan vasthangt of die iets bijzonders voor mij betekenen.

Karen Armstrong, Een geschiedenis van God

maart 1995

Groen aan een gracht

Hoe het precies is gegaan, weet ik niet meer, maar opeens zat ik in een salon van een poepsjiek Amsterdams hotel, ongetwijfeld aan een of andere gracht, zenuwachtig in mijn papieren frommelend te wachten op Karen Armstrong. Ik wist op dat moment nauwelijks wie Karen Armstrong was, behalve dan dat ze dat dikke boek Een geschiedenis van God had geschreven dat ik de twee weken voor deze afspraak op een drukproef-uitdraai had gelezen ter voorbereiding van het interview dat ik met haar in opdracht van De Standaard zou hebben. Ze liet even op zich wachten, dus had ik alle tijd om behoorlijk zenuwachtig te worden. Ons gesprek zou in het Engels verlopen, ook al had ik ternauwernood het niveau van het sjabloon ‘Is this your umbrella?’ uit het handboek First Things First overstegen. Dat ik ook van theologie geen kaas had gegeten, was evenmin een argument van doorslaggevend belang gebleken om deze beker aan mij te laten voorbijgaan. Ik was uitgestuurd naar de Grachtengordel en zou daar meedraaien in de door Armstrongs uitgeverij opgezette promocampagne, die zou leiden tot een voor deze theologe en uitgetreden non toch wel indrukwekkend renommee in de Lage Landen.

Ja, ik schat dat Karen Armstrong mede door mijn toedoen (naast het toedoen van een aantal andere scribenten) na Soeur Sourire een van de bekendste (ex-)nonnen in ons taalgebied en ver daarbuiten moet zijn geworden. (Ik herinner mij dat David Van Reybrouck haar enkele jaren geleden eens is gaan opzoeken in Londen. Waar ze nu is en hoe het met haar is gesteld? – ik zou het niet weten.)

Mevrouw Armstrong begroette mij allerhartelijkst en deed, zonder daarom meewarig te zijn, alsof ze het vóór mij op het salontafeltje liggende blad met handgeschreven vragen niet zag, waarop in allerlei kleuren omcirkelde en door talrijke pijltjes met elkaar verbonden kernwoorden verwezen naar de onderwerpen die ik in ons gesprek absoluut ter sprake wilde brengen maar die ik uiteraard allemaal ter plekke vergat. Haar houding stelde me gerust, en dat was ongetwijfeld haar bedoeling want ze zal ook wel meteen gezien en aangevoeld hebben hoe groen ik in het vak was.

Daarmee heb ik alles, maar dan ook werkelijk alles verteld van wat ik mij van dat gesprek herinner. De reis naar Amsterdam, de afgelegde afstand naar het hotel, het wachten op mijn beurt – want mevrouw Armstrong was uiteraard niet alleen voor mij naar hier gekomen – de weg terug naar de auto (of was het de trein?), de fotograaf die met me was meegekomen (of niet, want was er wel een fotograaf bij?) en de terugreis naar Groot-Bijgaarden: het is allemaal uit mijn geheugen verdwenen. Uitgewist. Wég.

Ik herinner me ook niet meer hoe ik het er in mijn steenkolenengels vanaf heb gebracht, daar aan die Amsterdamse gracht. Maar het interview heb ik wel uit het analoge en dus zo goed als ontoegankelijk geworden hiernamaals naar hier overgebracht: https://pascaldigital.blogspot.com/2016/07/beter-een-authentiek-atheisme-dan-een.html. En op dat interview mag ik – vind ik toch – best wel trots zijn.


(Een veel later gemaakte bespreking van Door de nauwe poort, waarin Armstrong het verhaal van haar kloosterbestaan en uittreding vertelt, staat hier: https://pascaldigital.blogspot.com/2021/01/karen-armstrong-door-de-nauwe-poort.html.)