wolkenfragmenten uit Colum McCann, Trans-Atlantisch
3801
Het liefst steeg hij tot boven de wolken
om dan in schoon zonlicht te vliegen. Dan kon hij over de rand hangen om te
kijken hoe de schaduw op het wit beneden vervormde, zich rekte en samentrok op
het oppervlak van de wolken.
(11)
3802
Bewolking. (16)
3803
Hij sloeg met zijn volle hand op de
flank van de Vimy, keek omhoog naar de wolken die zich ver in het westen
samenpakten. (18)
3804
Dan dienen de wolken zich
aan, knielt de regen op het land en houdt het weer hen een volle anderhalve dag
aan de grond. (21)
3805
Geen bewolking. (24)
3806
Daarbuiten staat wolkeloos
en ononderbroken de blauwe lucht. (27)
3807
Zon, maan, wolken, sterren. (29)
3808
Altijd wolken vermijden. (31)
3809
Wanneer ze in de lagen tussen de wolken
komen is er geen paniek. (31)
3810
In het afnemende licht vinden ze
weer een gat in de bovenste wolkenlaag. (31-32)
3811
Twintig minuten later stuiten ze
weer op een enorme wolkenbank. (32)
3812
Ze kennen allebei de spelletjes die
het brein kan spelen als het in wolken gevangenzit. (32)
3813
Ze trekken hun kraag op in wolken
die als natte dweilen in hun gezicht slaan. (32)
3814
We moeten door de bovenste wolkenlaag zien te komen. (32)
3815
Het is kort voor zonsopgang – niet ver
van Ierland – als ze een wolk tegenkomen die ze niet kunnen ontwijken. (35)
3816
In de wolk raakt hun
evenwichtsgevoel totaal zoek. (36)
3817
Maar er is alleen maar dikke grijze
wolk. (36)
3818
Wolkengekrijs. (36)
3819
Voor het eerst sinds uren hebben ze
een stuk zonder mist of wolkenlagen. (37)
3820
Douglass speurde naar een kiertje
licht in de wolken. (48)
3821
Alleen wolken. (96)
3822
Overal om hen heen het applaus van
de stad, in de bladeren en bomen en gebouwen, en een buizerd die over de baan
scheerde met daarboven een paar kunstige wolken tegen het blauw (…) (104)
3823
Hier, in dit rijk van wolken
en lucht, kennen ze hem ook allemaal. (113)
3824
Naar beneden halen van waar ze
waren, in de wolken, als zo’n machtige lompe machine uit het begin van
de eeuw, zo’n kist van lucht en hout en draad waarmee ze op de een of andere
manier het water over waren gevlogen. (116)
3825
De vaag verspreide ochtendwolken. (116)
3826
Een door de kudde verstoten wolkje
hompelt naar het westen weg. (118)
3827
Hij heeft het land nooit eerder zo
licht gezien: een heldere dag door de ochtendwolken heen. (118)
3828
Stukjes witte wolk glijden
over een gelaagd blauwe lucht. (144)
3829
De wolkenkrabbers grijs en
ontzagwekkend tegen de bomen. (146)
3830
Wolken. (168)
3831
Ze stapten de nacht in, naar de
grote schuur, hun adem maakte wolkenvormen tegen het donker. (174)
3832
Verdwaald in een wolk. (202)
3833
De lucht achter hem was een spektakel
van regenwolken, grijs doorschoten met blauw. (205)
3834
De wolkenformaties achter
hem verschoven. (206)
3835
In plaats daarvan wilde ze hem weer
terugbrengen in de lucht, tussen de wolkenlagen. (208)
3836
Er zat iets in dat verwant was aan
een reis door de lucht, dacht ze, de plotselinge schrik van weersomslag, een
muur van zonlicht, of een hagelbui of het opduiken uit een wolkenbank. (211)
3837
De beweging van de wolken
gaf vorm aan de wind. (213)
3838
Ze stopten de servetten onder hun
kin en keken uit het raam naar het almaar wisselende wolkendek. (221)
3839
Zijn eigen zoon, Buster, stortte
uit de wolken neer tijdens een oorlogsmissie. (227)
3840
Ik begreep toen niet goed wat hij
bedoelde, maar ik zie het nu als een mooie wirwar van twijgen die overal
vandaan zijn gehaald, stukjes en brokjes, bladeren en takken, elkaar kriskras
kruisend, versneld afgespeelde jaren, katholiek, Brits, protestant, Iers,
atheïstisch, Amerikaans, quaker, terwijl de wolken voortdurend
uiteenstuiven in de geprojecteerde lucht achter hem. (248)