zaterdag 1 december 2018

van Dale 222-225


222
Hij laat Jan Karski zijn zegelring zien; als je op een springveer drukt, komt de chaton omhoog en zie je wit poeder.
Yannick Haenel, Het zwijgen van Jan Karski, 60

chaton /ʃatɔ/ (de (m.)) (juw.) 1 (g.mv.) zetwijze waarbij de steen in pootjes of klauwen wordt vastgehouden 2 (-nen) steen die op de bovengenoemde wijze gezet is

223
Als jong kind antwoordde hij ‘griot’ op de vraag wat hij later wilde worden (…)
Annelies Verbeke, Dertig dagen, 222

griot (de (m.); -ten) volksverteller in West-Afrika die de geschiedenis levend houdt in verhalende liederen, syn. jali, vgl. troubadour

224
Bij het krieken van de dag verlieten zij de stad door de roodstenen poort en trokken omhoog naar de steile groene weidevelden die als zacht chenille tegen de Pyreneeën lagen.
Mark Kurlansky, De wereldgeschiedenis volgens de Basken, 90

1chenille /ʃәnijә/ (de & het; -s) 2 pluchegaren ontstaan uit in de lengte doorgesneden weefsels
2chenille /ʃәnijә/ (alleen attr.bn.) van chenille1 (2) gemaakt

225
Terwijl Franse en Spaanse oorlogsbodems op volle zee vierkant brasten, voeren Baskische vissers uit Franse havens als Biarritz, St.-Jean-de-Luz, Ciboure en Hendaye en andere uit Spaanse havens als Fuenterrabía, Pasajes en Bermeo.
Mark Kurlansky, De wereldgeschiedenis volgens de Basken, 124-125

2brassen (overg.; braste, h. gebrast) (zeilv.) (mbt. de ra’s, de zeilen) d.m.v. de brassen de gewenste stand geven, naar de wind richten: breed brassen, zo dat de ra’s breed staan; levendig brassen; scherp bij de wind brassen; vierkant brassen, zo dat de ra’s dwars op de kielrichting staan; vol brassen, volbrassen
1bras (de (m.); -sen) (zeilv.) elk der twee lopende touwen aan de nokken van een ra bevestigd, dienende om deze in een horizontaal vlak te draaien en naar de wind te zetten of om ze te steunen: grote brassen, van de grote mast; loze brassen; een bras omhalen, beleggen; brassen aanhalen, door de touwen aan te halen, de zeilen scherper bij de wind zetten