vrijdag 27 december 2019

vorig jaar 39


181221

(…) * Brief van Koen Peeters, waarin hij verwijst naar het interview dat ik in 1996 van hem afnam (De Standaard, 30 mei 1996): ‘Jij en ik waren jong, onbesproken, veelbelovend.’ Dat laatste adjectief, hoewel complimenteus, stéékt. De brief is met balpen geschreven op de keerzijde van een met de hand gecorrigeerde bladzijde van het typoscript (van een versie) van De mensengenezer, meer bepaald het einde van hoofdstuk 16 en het begin van hoofdstuk 17. De brief dateert van 20 januari 2018 en ik krijg daarvoor in een op de achterzijde van de envelop bijgeschreven PS een verklaring: hij was vergeten de brief op de bus te doen, waarna hij tussen zijn paperassen kopje onder was gegaan. Deze week had hij hem bij het opruimen aangetroffen, waarna hij hem alsnog op de bus kon doen. Ja, ik was veelbelovend, toen. Ik ben nog altijd veelbelovend, denk ik soms. Maar ik denk steeds minder, denk ik steeds minder. * Bezoek van de programmamaakster van Focus TV ter voorbereiding van het portretje dat ze van mij wil maken. Blijkt dat het maar vier, hooguit vijf minuten kan duren. Ik praat honderduit gedurende anderhalf uur, over mijn leven, mijn blog, mijn accident. Ik sta versteld van wat ik allemaal doe, waar ik allemaal mee bezig ben. Ik vertel over de fietsreis naar Frankrijk, over Proust, over dit dagboek waarvan ik de bladzijden over een jaar wil gebruiken, over ‘het leven als voorlopige oplossing’, over mijn memoires, over mijn omgang met de tijd en mijn angst voor het vergeten. De vrouw vindt het boeiend. Ik vraag me af hoe zij al dit materiaal zal condenseren. Maar het is haar beroep en ik wil er vertrouwen in hebben dat ze het tot een goed einde kan brengen. Ze komen op 1 februari voor de opnames. *