7 februari 2025
Na de boodschappen drie uur gewerkt in de keuken: het grootste deel van de dag staat in het teken van het eerste van de vier etentjes (…) die ik heb belegd (…). Op het menu staat coq au vin. (…) de opeenvolgende werkzaamheden: het schillen van de aardappelen voor de puree; het bereiden van de puree; het blancheren en vervolgens bakken van de spekreepjes; het schillen en bakken van de ajuinen; het bakken van de champignons na deze eerst te hebben gekuist, gesneden en gekookt in zout water; het schroeien van de stukken kip; het samenvoegen van de hele zwik, behalve de puree dan, in één pot. Ik doe dat graag. De avond zelf is een succes. Het onuitgegeven gezelschap kan het goed met elkaar vinden. J is thuisgebleven omdat hij ziek is. Ik krijg lof voor mijn coq. M lust geen puree. Er wordt stevig gedronken. Iedereen schikt zich gewillig naar de tekstfragmentenformule. M leest een stukje voor uit Moederland van Charlotte Perkins Gilman, een feministe uit de jaren dertig. D koos de openingszinnen van Humbling, de laatste roman van Philip Roth, over een acteur die beseft dat hij de magie kwijt is. N heeft een gedichtje van een van haar kleinkinderen meegebracht. F koos een fragment uit De laatste woorden van Leo Vekeman van Yves Petry. En zelf koos ik voor het titelverklarende fragment op de bladzijden 45-46 van De gelukkigste jaren van de mensen van Wim Kayzer, dat ik nu aan het lezen ben. Tijdens het aperitief hadden we een geanimeerd over woke en de (kunstmatige) ingrepen in ons taalgebruik. Enkele zinnetjes nog die ik in de loop van de zeven uur durende avond heb genoteerd: ‘Ik heb een drielobbige prostaat’ (D); ‘Dat zou een goede titel voor een roman zijn: De drielobbige prostaat’ (F); ‘Toen de paus aankwam, ontplofte onze tv’ (M); ‘De neohomo was een zakzeiker’ (F); ‘Hij had een louis d’or’ (N), aangevuld door F met ‘Er mag een strik rond’ (er was nog een derde uitdrukking voor iemand die goed in bed is, maar die is me ontgaan); ‘De mooiste openingszin staat in Omega minor’ (D). Ik ga die openingszin meteen opzoeken: ‘Im Aufgang war die Tat.’
Ik kreeg vandaag een vriendelijke reactie van W op het briefje dat ik hem na mijn eerder opgestuurde exemplaar van Vaderader stuurde. Hij zal het zeker lezen en er dan op reageren. [Is tot op heden niet gebeurd.]
