23 februari 2025
Met een boek en tekengerei in de bagagetas vertrek ik om een kilometer of veertig te fietsen en om bij dit mooie weer ergens een plekje te zoeken, maar ik voel me zwak en ziek en buig al bij Sint-Andries af. Langs het Olympiastadion, tegenwoordig Jan Breydelstadion, waar ik even kijk naar de tegelmuur van Benoît. Binnen is Club begonnen aan de match tegen Standard, die zal worden verloren. Ik spring even binnen in het atelier van P, waar vrienden, kennissen en familieleden vandaag samenkomen. Vreemd, te bedenken dat P zich hier enkele dagen geleden van het leven heeft beroofd. Zijn alaam, zijn werktafel, een foto waarop hij samen met zijn twee zussen en twee broers poseert. Een collectie spiegels en oud speelgoed. De onafgewerkte, zelf aangezette grafzerk met de quote van Arno: Bye bye till the next time. Ik spreek heel kort met K en dan met J en L, die daar toevallig ook op hetzelfde moment als ik zijn binnengewaaid. (…)
*
(…)
*
De namiddag, die ik doorbreng met lezen en met het schrijven van een boekverhaal, duurt buitengewoon lang.
*
Op YouTube een interview met Geerten Meijsing. Welbespraakt, schuchter, een beetje knullig dandyesk in dat groezelige Amsterdam van de jaren negentig, met mooie jongedames onder bewerkelijk geparmenenteerde kapsels. En ik ga ook eens langs bij Michael Zeeman, die de kijker ongegeneerd rondleidt in zijn bibliotheek. De camera neemt nogal voyeuristisch ook de bad- en slaapkamer van Zeeman in beeld – de criticus zal niet veel later sterven en praat nu al redelijk amechtig.
Geerten
Meijsing: https://www.youtube.com/watch?v=hgl-hKRZgsU
Michael
Zeeman: https://www.youtube.com/watch?v=GoHx53HmR3U
(*)
John Currans Chappaquidick (2017), over het auto-ongeluk van senator Ted Kennedy in 1969 en het daarop volgende vluchtmisdrijf en de pogingen om alles toe te dekken, is, door een te geringe hoeveelheid historisch materiaal, veel te lang uitgesponnen.
