zondag 15 februari 2026

vorig jaar 311

15 februari 2025

Ik voeg wat ik een paar jaar geleden al schreef over mijn tijd in Leuven samen met wat ik nu aan het schrijven ben. Net op tijd kom ik tot de vaststelling dat ik al veel beschreven héb en dat ik dus dubbelop aan het werken was. Alles samen heb ik nu al, enkel voor Leuven, een tachtigtal bladzijden. Met dergelijke volumes ziet het er naar uit dat deel 5 dan toch niet het laatste zal zijn. [Dat was verkeerd gedacht.]

*

In (…) zit een bijzonder knappe vrouw achter de onthaalbalie. (…) Zij is het soort vrouw waarop ik meteen, zonder pardon, verliefd zou kunnen worden. Later verneem ik van X dat zij al twintig jaar met hem samenwerkt, dat ze (…) een huisje bezit niet ver van Malaga, en dat ze een stel vormt met (…) en dus lesbienne is. (…) We gaan iets drinken in een snookerzaak om de hoek. We plannen een spelletje, maar blijven twee uur lang praten aan ons tafeltje. De vluchtige ontmoeting na het interview [in november] niet te na gesproken, is het dag op dag twee jaar geleden dat we elkaar voor het laatst hebben gezien. [Maar het is alsof het gisteren was – zoals het al veertig jaar iedere keer is alsof het gisteren was.] We hebben het over X’s situatie (…), en over Vaderader en allerlei complicaties in het relationele en seksuele die daarmee in verband kunnen worden gebracht. Onze geschiedenissen zijn nogal gelijklopend. Mijn probleem, zegt X, is dat (…). X vertelt ook over zijn dochter, die al twee keer moeder is intussen. (…) X raadt me ook nog de lectuur aan van Françoise Dolto, meer bepaald La cause des adolescents. Ik moet dringend ook eens dat boek van Jean-Luc Nancy lezen, Noli me tangere, dat X me bijna acht jaar geleden (!) cadeau gaf en waarin hij als opdracht schreef: (…). We gaan uit elkaar met het voornemen volgende zomer eens naar Vlissingen te gaan, naar I en haar twee honden. Ze hadden een hond geadopteerd, maar een onbedoeld vluchtig contact [tijdens een vakantie] met een Spaanse zwerfhond bleef niet zonder gevolg. Gelukkig wierp ze maar één puppy, het hadden er evengoed acht kunnen zijn. [Noch van Dolto, noch van Nancy, noch van Vlissingen is er iets in huis gekomen. Dit jaar misschien.]

*

Na een bezoek aan De Slegte tref ik M. We zijn weer meteen vrolijk gestemd (…). We gaan eens binnen in de Cirque Central, die inderdaad mooi gerenoveerd is, en wandelen naar de omgeving van de Dampoort, waar we in restaurant Kraz hebben afgesproken met G, de dubbele weduwe van zowel kunstschilder Karel Dierickx (over wie T nog een boek heeft gemaakt, maar de naam T zegt G niets), als van de fotograaf Herman Selleslags. G was zeer blij met de tekst die ik over haar vorig jaar overleden tweede man heb geschreven naar aanleiding van het televisieportret dat over hem werd gemaakt toen hij zijn veel te groot geworden huis aan de Cogels-Osylei verliet. (…) Ons samenzijn in het restaurant verloopt genoeglijk (…). We nemen een taxi naar Gent-Sint-Pieters, waar we in café Baziel tegenover het station nog een laatste drinken.


Still uit de film Life Will Give You Pictures van Aldine Reinink