8 augustus 2025
Na een alweer veel te korte nacht zit ik om halfzeven samen met M aan de ontbijttafel, die uitermate copieus gedekt is. Ze vertelt over de onderwijsstiel, over hoe alles in haar tijd van werken heel erg veranderd is en hoe de status van de onderwijzer werd ondermijnd. De mislukking van het inclusieonderwijs, de crisis van het gezag, de pretpedagogie. M legt me ook uit hoe haar relatie in elkaar zit. (…) Haar dochter is met een van de zonen van T getrouwd, en pas daarna volgden zij hun kinderen in het huwelijk. Wat later vertelt T, die er inmiddels bij is komen zitten, hoe hij dit huis in Maranwez heeft verworven en gerenoveerd. Samen hebben ze nu ook het huis ernaast gekocht, ze gaan het als gîte verhuren. Wat een rijk koppel, wat een mooi leven. Het ontroert me. Helemaal week en weerloos geworden beslis ik om hier nog een dag te blijven. Waarom zou ik mezelf de hitte injagen als ik hier zo goed ben? Misschien moet ik het helemaal over een andere boeg gooien en aanvaarden dat het fietsreizen, zeker in de zomer, voorgoed voorbij is?
Een groot stuk van de voormiddag breng ik in een hangmat door. Met lectuur en slaap. Rond elf uur de fiets op voor een korte rit naar Signy-l’Abbaye en dan terug via Lalobbe, Draize en Montmeillant. Dit korte ritje, een 30-tal kilometer, door een prachtig heuvelachtig landschap met veel weiden, bosschages, bosranden en alleenstaande bomen, is ook zonder bagage al zwaar genoeg. Na een douche maak ik samen met T nog een wandeling in de buurt. Hij gaat heel vriendelijk om met de andere dorpsbewoners. Een zekere Johan werd kort geleden door zijn vrouw verlaten. Al zijn dieren – een geit, konijnen, een van de twee paarden – zijn sindsdien gestorven. Johan blijft alleen achter. Hij plant bloemen in een stukje openbaar domein in de opgehoogde berm van de weg, tegenover zijn erf. De aarde is er aangevoerd en bevat veel glasscherven en metaal. Niemand weet waar die afval vandaan komt. De openbare wasplaats, die helemaal was ingezakt, werd onlangs vernieuwd en heeft uiteraard niet de patina van de oorspronkelijke constructie. De waterleiding bereikte dit afgelegen dorp pas in 1976. Tot dan was iedereen aangewezen op zijn eigen waterput. Die van T en M bleek tot dertig meter diep te gaan. We hebben het, samen met Johan, ook nog over de spectaculaire aanwas van het aantal windmolens aan de horizon, en over de consumptie van vlees.
Terug thuis is het alweer tijd voor het aperitief. Ik maak een portretfoto van T en M, die poseren voor hun ingepakte oldtimer Ami 8. Aan tafel hebben we alweer een goed gesprek, onder meer over de politiek. T en M stemmen allebei XXX. T heeft een nogal historiserend-relativerende blik op de mensheid: er zal altijd oorlog zijn; het kwaad zit in de mens; als de kleine man niet krijgt wat hij nodig heeft, zal hij het nemen…
