donderdag 19 februari 2026

vorig jaar 314

19 februari 2025

Veel valt er niet te melden over een dag die ik van acht uur ‘s ochtends tot acht uur ‘s avonds met werk [voor brood op de plank] heb doorgebracht. (…)

*

s Avonds nog net genoeg fut voor de tv: de pratende hoofden van Terzake en De Afspraak, en ook een aflevering van Een nacht in het museum, over De dood van Marat van David. Informatief en onderhoudend. (…)




*

Vandaag is de geopolitieke orde, zoals we hem al tachtig jaar kennen, grondig omgegooid door de plotse wending van Trump naar Poetin. Trump noemt Zelensky een dictator en aanstichter van de oorlog. De band tussen Europa en Amerika lijkt hiermee doorgesneden. Het doet mij denken aan het pact dat Hitler eind de jaren dertig met Stalin sloot.

*

(…)


7840

P. - 260206


woensdag 18 februari 2026

vorig jaar 313

17 februari 2025

Lectuur van drie tot halfvijf en ook de rest van de nacht verloopt in stukken en brokken. Dit slecht slapen sloopt me.

*

(…)



18 februari 2025

Bijna ononderbroken geslapen van iets voor tien tot halfzeven. Je zou denken: een lange en verkwikkende nachtrust, maar ik sta geradbraakt en met diverse ongemakken op. Hoofd, keel, tanden… Een beginnende griep? Ik moet dringend op consultatie, voor minstens een bloedanalyse: cholesterol, PSA, leverfunctie…

*

Een jonge Turk uit Gent (…) pessimistischer dan ik had verwacht. In plaats van integratie [van zijn gemeenschap] blijkt er eerder sprake van regressie. De op zichzelf terugplooiende ouders, die vaak helemaal niet weten wat hun (mannelijke) kroost uitspookt, en de concentratiescholen, waar nauwelijks Nederlands wordt gesproken, bemoeilijken elke toenadering. (…) Waarom zouden ze willen assimileren als ze zien waar onze cultuur voor staat?

*

(…)


7839

P. - 260206


dinsdag 17 februari 2026

ILP, Absolute democratie §1-10

notitie 510

1.
Nauwelijks merkbare ingreepjes breken de democratie af. Het volk laat zich naar een dictatuur slaapwandelen en riskeert pas wakker te worden als het te laat is. ILP wil, overtuigd dat woorden er toe doen, bijdragen tot het bestrijden van de onverschilligheid.

2.
Een democratie is maar gezond als ze erin slaagt de economische ongelijkheid binnen de perken te houden. Ongelijkheid veroorzaakt de onvrede die door rechtse populisten kan worden gekaapt, onder meer omdat links niet durft te zeggen dat het kapitalistische model niet langer houdbaar is. Er is een paradigmawissel nodig, met herverdeling, economische krimp, basisinkomen en hervorming van de inkomsten uit kapitaal.

3.
Debat ligt aan de basis van democratie, en derhalve ook adequate nieuwsgaring, vrijheid van meningsuiting en vertrouwen in de waarheid. Democratisch verkozen politici ondermijnen het vertrouwen in de democratie door het volk wijs te maken dat gezond verstand, emotie en meningen primeren op waarheid, ratio en feiten. De pers is hun vijand. Ze laten de leugen regeren en stellen de korte boven de lange termijn. Daarom ervaren zij de niet te miskennen feitelijkheid van de klimaatverandering als een vervelende waarheid.

4.
Is het laten uitschijnen dat X-R incompetent is door het een tijd aan de macht te laten komen een goede strategie om X-R uit te schakelen? In Italië alvast niet want Meloni is erin geslaagd de pers uit te schakelen. Kiezers laten zich niet leiden door feiten en bewijzen van competentie, maar door gevoel en identiteit. Een cordon sanitaire, zoals in België, mag dan ondemocratisch zijn, het is wel efficiënt als het erop aankomt X-R onmachtig te houden. Zodra je het opheft, kan X-R snel groeien, zoals in Nederland. De normalisering van de X-R standpunten bedreigt de democratie. Mogelijk biedt het versterken van Europa een uitkomst.

5.
In heel Europa zijn er boerenopstanden. Het landbouwbeleid van de jaren zestig, met zijn buitensporige subsidies, moet dringend worden geactualiseerd. Het is blijkbaar moeilijk om tegen de schaalvergroting en de wetten van de vrije markt in te gaan. De situatie is nog complexer geworden nu de boeren worden gerecupereerd door X-R in de ‘culturele burgeroorlog’.

6.
Elk toekomstbeeld is tegenwoordig negatief. Dat maakt het verleden aantrekkelijk. De X-R partijen, die teren op nostalgie, hebben een vijandbeeld nodig en verzinnen complottheorieën. De angst voor globalisering is hun motor. De tegenstelling tussen voor- en tegenstanders van globalisering vervangt de oude tegenstelling tussen links en rechts, en valt samen met de tegenstellingen tussen hoger en lager geschoold, tussen stad en platteland. X-R voedt zich met een anachronistisch nationalisme en keert zich tegen de elite en haar ‘woke’ gedachtegoed. Met zijn onheilspellende toekomstbeelden heeft links geen verweer.

7.
De ruk naar X-R heeft de toename van het aantal migranten in Italië (en van het aantal verdronken migranten in de Middellandse Zee) niet kunnen stoppen. Dit komt het X-R bewind, niet enkel in Italië, goed uit want een oplossing van het probleem zou neerkomen op electorale zelfmoord. We zouden moeten leren inzien dat we de migranten nodig hebben om ons vergrijzings- en tewerkstellingsprobleem op te lossen!

8.
Na op begroting en migratie te hebben gefocust, gaat de meeste aandacht van Europa nu uit naar veiligheid. Niet alle lidstaten zijn nochtans de democratische rechtsstaat even genegen, zoals Hongarije. Het verschil met vroeger is dat ze niet langer anti-Europees is. Van buitenaf gezien lijken de nu pro-Europese X-R partijen vriendelijk, maar intern handelen ze ondemocratisch.

9.
In Italië waarschuwt Mussolini-kenner Antonio Scurati, net als ILP, voor de teloorgang van de democratie. Scurati ziet in de partij van Meloni een rechtstreekse nazaat van het fascisme. Hij wordt door Meloni het zwijgen opgelegd. ILP neemt zich voor om met zijn Italiaanse vertaling van Alkibiades in zijn tweede vaderland in de voetsporen van Scurati te treden.

10.
Pericles was een voorbeeldige politicus omdat hij het volk echt leidde en impopulaire maatregelen niet schuwde. Een populist daarentegen laat zich leiden door het volk, dat vaak slecht geïnformeerd is, bang is voor verandering, en kortetermijngewin verkiest boven wat goed is op de lange termijn. De democratie is in crisis omdat het populisme overheerst en er geen politici meer zijn die niet bang zijn voor de volgende opiniepeiling. Een democratie die op die manier haar gebrek aan daadkracht demonstreert, wakkert de roep om een sterke leider nog aan.

7838

Oostende - 260206


maandag 16 februari 2026

vorig jaar 312

16 februari 2025

Een groot deel van de voormiddag besteed aan het beantwoorden van de alweer zeer omvangrijke brief (16 bladzijden dicht opeen geprinte pdf-bladzijden) waarin A associërend en uitwaaierend ingaat op een hoofdstuk van Populierendreef 29. Ik begin eraan met frisse tegenzin omdat ik nu eenmaal een dergelijke inspanning niet onbeantwoord kan laten, maar gaandeweg schep ik er toch enig plezier in een kom zo tot enkele bevrediging schenkende formuleringen.

*

Mooi weer vandaag: koud en helder, een graad of vier. En dus ga ik fietsen: 55 kilometer tot in Sluis, Heille en Belgisch Middelburg.

*

De tweede aflevering van The Tattooist of Auschwitz. Neen, deze sentimentaliteit en deze manier van visualiseren (en behapbaar maken) van het ontoonbare zijn onverdraaglijk. Wat een schaamteloze, misplaatste pretentie! De enige reden waarom ik nu nog zou kunnen blijven kijken is om deze indruk te preciseren [wat ik niet heb gedaan].




*

(…)

notitie 509

DRAMA’S MET SCHAPEN EN LAMA’S

Er was de voorbije week op de digitale platformen een hoogoplopende discussie over schapen en lama’s. U weet wel: het zijn allebei zoogdieren waar je sokken van kunt breien, ze gelijken enigszins op elkaar, maar ze verschillen toch ook aanzienlijk. Schapen kunnen bijvoorbeeld niet spuwen, wonen niet alleen maar in Zuid-Amerika en hebben geen disproportioneel lange nek. Ze hebben wel een díkke nek. Om maar dat te zeggen. Als ik aan schapen denk, denk ik aan Blauwke. (U begrijpt die associatie niet, maar dat is niet erg. En maakt u zich vooral geen zorgen want het is een associatie die slechts weinig mensen kennen – allemaal mensen, overigens, die op de een of andere manier deel uitmaken van mijn privéwereld, zodat het heel normaal is dat mensen die daar geen deel van uitmaken niet weten wat of wie Blauwke is. (Blauwke is wijlen een van de schapen die toebehoorden aan mijn vriend J.)) Dat voor wat betreft de schapen. Als ik aan lama’s denk, ziet mijn geestesoog altijd dat ene prentje in een Kuifje-album waar kapitein Haddock, oog in oog met zo’n specimen, een lamafluim in het oog krijgt (en onmiddellijk daarna in het oog krijgt). Waarna hij aan het vloeken slaat op de manier die we van hem kennen en waar we dus niet meer van opkijken. Heftig, brutaal en grappig. Stel dat een schaap zo opvliegend zou uitvliegen, dát zou wat anders zijn. Maar dat geheel terzijde.

Nu goed, er was een discussie. In eerste instantie op de kijkbuis: tussen een lama en een schaap. Het schaap had zijn nek uitgestoken en kreeg me daar een flodder in zijn oog die hem nog lang zal heugen. Hij lachte schaapachtig. De goegemeente was getuige en raakte er niet over uitgeblaat. Iedereen, schapen én lama’s, had een mening klaar en gaf daar luidruchtig lucht aan op de daartoe bestemde kanalen, die nauwelijks breed genoeg waren om al het sputum te kanaliseren.

Ik moet toegeven: ik had ook een mening klaar. En wel mijn mening. Maar ik las de verzuchtingen van deze lama en gene schaap, en ik stelde vast dat mijn oorspronkelijke mening niet anders dan prematuur kon worden genoemd want ze was grotendeels op vooroordelen gebaseerd. En dan moet ik nog iets toegeven: ik werd bang. Ik schrok ervoor terug om mijn mening kenbaar te maken. Met wat ik was toegedaan zou ik zowel in het kamp van de lama’s als dat van de schapen op beuh!-geroep worden onthaald. Ja, misschien kreeg ik wel een digitale fluim in mijn oog. Zoals peteine Dok, zoals een van mijn kinderen, toen hij nog klein was, de trouwe, misschien wel enigszins pedoseksuele vriend van Kuifje een tijdje noemde – tot de Gameboy in zijn verbeeldingswereld de jonge reporter definitief naar de achtergrond wegduwde, maar dat is een ander probleem.

Voor ik het wist, was de week voorbij en had ik alle mogelijke meningen – van schaap- tot lamaminded en alles daartussen – zien defileren en had ik zelf alle stadia doorlopen: besef van prematuriteit, twijfel en de angst die me ontraadde mijn nek uit te steken. En dan zie ik nu iedereen alweer zijn digitale ganzenveer aanscherpen voor het volgende efemeer incident, dat er ongetwijfeld zal komen, en dringt het tot me door dat het nu wel rijkelijk laat is om mijn mening over schapen en lama’s te ventileren en daarbij het risico te lopen mij te laten insmeren met pek en veren.

Ik zet mijn mening dus maar aan de kant en van de vrijgekomen tijd maak ik gebruik om een metamening te vormen. Een metamening over mijn meningitis.

Want wat is dat eigenlijk, die drang om niet alleen meningen te hébben over lama’s en schapen (het hadden evengoed geiten en ezels kunnen zijn, of, waarom niet, mannen en vrouwen)? En niet alleen meningen te vormen – meningen worden gevormd vanuit de grondstof ‘vooroordelen’ – maar ze ook nog eens te verkondigen, te delen, te publiceren, op de sociale media te zetten in de hoop dat anderen ze zien passeren?

Passeren in twee betekenissen: voorbijkomen en voorbijgaan.

Wat doet het ertoe dat u weet wat ik denk over schapen of lama’s en over hoe die twee met elkaar omgaan als de ene zijn nek uitsteekt en de andere spuwt? Dat is toch volstrekt onbelangrijk?

Ik vind: schapen en lama’s zijn allebei zoogdieren. Zoals wij, met onze meningen, dat ook zijn. Daar moeten we het mee doen. Of we nu zelf een lama zijn of een schaap, we moeten luisteren naar elkaars verhalen. Laat ons de afspraak maken dat we elkaars eigenheid herkennen en erkennen. Dat we verschillen aanvaarden en aanknopingspunten zoeken. Misschien is dat blaten en blazen en spugen niet altijd zo boos bedoeld als sommigen het nu laten uitschijnen. Misschien zit daar een vriendelijke kernboodschap achter. Veel lama’s hebben bovendien iets schaapachtigs (bijvoorbeeld de wol), en vice versa: veel schapen hebben, bijvoorbeeld met die rare blik van ze, iets lama-achtigs. (Of schrijf je dat met een trema in plaats van met een koppelteken: lamaächtigs? Laat me niet lachen! Overigens, en opnieuw geheel en al terzake, pardon, terzijde: door zijn klankverwantschap verwijst het woord ‘trema’ naar tremor en trillen. Van woede, van begeerte. En ja, het koppelteken, dat wijst zichzelf uit.)

Dus, neen, ik ga mijn mening over de hoogoplopende discussie niet ventileren. Als u goed hebt gelezen, dat wil zeggen: tot voorbij de prietpraat, dan kent u haar wel. Dan hoef ik daar geen tekeningske bij te maken.

7837

Oostende - 260206


zondag 15 februari 2026

vorig jaar 311

15 februari 2025

Ik voeg wat ik een paar jaar geleden al schreef over mijn tijd in Leuven samen met wat ik nu aan het schrijven ben. Net op tijd kom ik tot de vaststelling dat ik al veel beschreven héb en dat ik dus dubbelop aan het werken was. Alles samen heb ik nu al, enkel voor Leuven, een tachtigtal bladzijden. Met dergelijke volumes ziet het er naar uit dat deel 5 dan toch niet het laatste zal zijn. [Dat was verkeerd gedacht.]

*

In (…) zit een bijzonder knappe vrouw achter de onthaalbalie. (…) Zij is het soort vrouw waarop ik meteen, zonder pardon, verliefd zou kunnen worden. Later verneem ik van X dat zij al twintig jaar met hem samenwerkt, dat ze (…) een huisje bezit niet ver van Malaga, en dat ze een stel vormt met (…) en dus lesbienne is. (…) We gaan iets drinken in een snookerzaak om de hoek. We plannen een spelletje, maar blijven twee uur lang praten aan ons tafeltje. De vluchtige ontmoeting na het interview [in november] niet te na gesproken, is het dag op dag twee jaar geleden dat we elkaar voor het laatst hebben gezien. [Maar het is alsof het gisteren was – zoals het al veertig jaar iedere keer is alsof het gisteren was.] We hebben het over X’s situatie (…), en over Vaderader en allerlei complicaties in het relationele en seksuele die daarmee in verband kunnen worden gebracht. Onze geschiedenissen zijn nogal gelijklopend. Mijn probleem, zegt X, is dat (…). X vertelt ook over zijn dochter, die al twee keer moeder is intussen. (…) X raadt me ook nog de lectuur aan van Françoise Dolto, meer bepaald La cause des adolescents. Ik moet dringend ook eens dat boek van Jean-Luc Nancy lezen, Noli me tangere, dat X me bijna acht jaar geleden (!) cadeau gaf en waarin hij als opdracht schreef: (…). We gaan uit elkaar met het voornemen volgende zomer eens naar Vlissingen te gaan, naar I en haar twee honden. Ze hadden een hond geadopteerd, maar een onbedoeld vluchtig contact [tijdens een vakantie] met een Spaanse zwerfhond bleef niet zonder gevolg. Gelukkig wierp ze maar één puppy, het hadden er evengoed acht kunnen zijn. [Noch van Dolto, noch van Nancy, noch van Vlissingen is er iets in huis gekomen. Dit jaar misschien.]

*

Na een bezoek aan De Slegte tref ik M. We zijn weer meteen vrolijk gestemd (…). We gaan eens binnen in de Cirque Central, die inderdaad mooi gerenoveerd is, en wandelen naar de omgeving van de Dampoort, waar we in restaurant Kraz hebben afgesproken met G, de dubbele weduwe van zowel kunstschilder Karel Dierickx (over wie T nog een boek heeft gemaakt, maar de naam T zegt G niets), als van de fotograaf Herman Selleslags. G was zeer blij met de tekst die ik over haar vorig jaar overleden tweede man heb geschreven naar aanleiding van het televisieportret dat over hem werd gemaakt toen hij zijn veel te groot geworden huis aan de Cogels-Osylei verliet. (…) Ons samenzijn in het restaurant verloopt genoeglijk (…). We nemen een taxi naar Gent-Sint-Pieters, waar we in café Baziel tegenover het station nog een laatste drinken.


Still uit de film Life Will Give You Pictures van Aldine Reinink




7836

Oostende - 260206


zaterdag 14 februari 2026

vorig jaar 310

14 februari 2025

Wandeling met R rond de stad. Het is een aangenaam weerzien, en onze gesprekken gaan ergens over. Over mijn boeken, onder meer, en dan vooral over de aarzeling bij het schrijven van het vierde deel; over de toestand van onze democratie; over het geopolitieke kabaal dezer dagen; over de oorlogen in Oekraïne en Gaza, en over de neergang van Europa; over de kleinschalige projecten waarin R gelooft en waarbij hij probeert om ook met andersdenkenden samen te werken; over voetbal, en dat Club dankzij een te licht toegekende penalty heeft kunnen winnen van Atalanta Bergamo. We concluderen dat dit gesprek voor herhaling of, beter, voor voortzetting vatbaar is. Ik vraag me af hoeveel maanden er voorbij zullen gaan vooraleer wij elkaar zullen terugzien. [Het antwoord is 12,5 want we hebben op 3 maart afgesproken.]

*

(…)

*

(…)

*

De gelukkigste jaren van de de mensen tot het einde. Ik houd van het ritme, van de muziek van Kayzer. De motieven, de aarzelingen, de herhalingen. De dialoog met de al dan niet verzonnen Esterházy-citaten. De indruk die je als lezer ook voortdurend hebt dat het niet helemaal zeker, of helemaal niet zeker is dat alle effecten zo bedoeld zijn – misschien zijn bepaalde herhalingen niet meer dan onzorgvuldigheden die zijn blijven staan als gevolg van de door de naderende dood ingegeven haast waarmee dit boek is geschreven – wat natuurlijk het dramatisch effect alleen maar verhoogt. Of gaat het dan toch om een zorgvuldig opgezette compositie met ‘opzettelijke’ onzorgvuldigheden? Dat zou straf zijn, en zeker ook goed. Wat er ook van zij, deze Gelukkigste dagen… is een indrukwekkend afscheid van een indrukwekkende man.

*

De schriftuur van Claude Simon, wiens Georgica ik aanvat, is dan weer totaal iets anders. Je moet je onderdompelen in een op het eerste gezicht chaotische nevenschikking van disparate elementen. Pas na enige tijd begin je een patroon te zien. En God!, wat staat er veel op één bladzijde!

*

(…) op die manier kan ik nog kijken naar het fantastische huldeconcert in de Stadsschouwburg voor de vijfenzeventigste verjaardag van Raymond van het Groenewoud, dat live wordt gestreamd op VRT MAX. Ik zie heuglijke performances van, naast Raymond zelf, Merol, Meltheads en Marcel Ponseele. Het ingetogen nummer ‘Aan de meet’ kende ik niet. Het maakt indruk. Het drukt de wens uit om niet op een onwaardige manier afscheid te moeten nemen: [Ik heb geen zin in bezemwagen / Op eigen kracht tot aan de meet.’]


7835

Oostende - 260206


vrijdag 13 februari 2026

vorig jaar 309

13 februari 2025

Geholpen door chemie ben ik er eindelijk eens in geslaagd om tot na zeven uur te slapen.

*

Ondanks mijn voornemen om maar een paar noodzakelijke aankopen te doen, kom ik met een rekening van 125 euro thuis van de Carrefour.

*

Bezoek van P, die alle vier de boeken in één keer koopt. We hebben het – uiteraard en onvermijdelijk – over mijn vader, aan wie hij kennelijk een goede herinnering bewaart. Misschien was hij op zijn werk een andere man dan thuis. We hebben het ook over kleine gebeurtenissen die grote gevolgen kunnen hebben. Zo sprak mijn vader tot P, toen hij twaalf jaar was: ‘Kijk, daar is de opvolger van de zaakvoerder.’ P herinnert zich dat moment als de eerste keer dat het tot hem doordrong dat hij [dat inderdaad] kon worden. Sommige woorden blijven ‘plakken’ en het kan geen kwaad ons daar in onze gesprekken altijd bewust van te zijn.

*

(…)

*

De eerste aflevering van The Tattooist of Auschwitz, naar het gelijknamige boek van Heather Morris. Ik heb het altijd al moeilijk gehad met dit soort fictionalisering of het omzetten in beelden van het onuitsprekelijke, het ontoonbare. Ik begin dus met scepsis te kijken. Op de een of andere manier werkt het toch. Ik stoor me aan de armoedige decors en de schematische verbeelding van het kamp, maar anderzijds maken de indringende portretten, die telkens enkele seconden [in close-up] worden aangehouden, toch wel iets goed. Ik geef de serie nog een kans.




*

Trump belt rechtstreeks met Poetin, over de heersende hoofden in Oekraïne en Europa heen. Hiermee gaat de hele geopolitieke wereldorde aan het schuiven. De rol van het hopeloos verdeelde en ondertussen al flink verrechtste Europa wordt met de dag onbeduidender. Premier De Wever laat weten dat hij nieuwe batterijen voor zijn piellamp gaat kopen, maar dat hij voorlopig nog geen sardines gaat hamsteren in zijn kelder.


7834

Oostende - 260206


donderdag 12 februari 2026

vorig jaar 308

12 februari 2025

Alweer bijzonder vroeg op, rond vijf uur. De tunes op Radio 1 zijn veranderd. Ik vraag me af wanneer dat niet meer zal opvallen en hoe dat proces van gewenning verloopt. Ik beslis om vandaag niet naar Brussel te reizen voor de opleiding AI. Ik werk de hele dag thuis, er zijn enkel onderbrekingen voor een korte wandeling, Blokken en wat lezen in de correspondentie van Geerten Meijsing, en de daarbij horende aantekeningen. ‘s Avonds zie ik Club Brugge met een bijzonder licht toegekende penalty in blessuretijd winnen van Atalanta Bergamo. De enige levende, of nog maar half levende, mens die ik vandaag heb gezien was mijn [meer dan tachtigjarige] onderbuur G, die mijn hulp inriep omdat hij de stekker van zijn keukenboiler niet meer in het stopcontact kreeg. Ik op mijn knieën onder de wasbak, maar mijn interventie bleek tevergeefs want ook nadat ik de elektriciteitstoevoer had hersteld, gaf het toestel geen kik. Het hele geval zag er overigens al bijzonder oud uit.





7833

Oostende - 260206


woensdag 11 februari 2026

facebookbericht

even luidop denken:


commercialisering van de media met nefaste gevolgen voor de objectieve nieuwsgaring;
afbraak van het ooit door zuilen ondersteunde middenveld;
amusementscultuur die onverschilligheid aanmoedigt;
gedachteloos consumentisme;
instorting van zingevingssystemen;
politici die niet verder kijken dan de volgende verkiezingen;
het respectloze weglachen van elke vorm van (gezonde) autoriteit en expertise;
bewuste manipulatie en polarisering via sociale media;
verstoorde relatie met de realiteit van de samenleving en de straat;
vereenzaming en atomisering;
angst voor oorlog;
angst voor klimaatverandering, een issue waarmee electoraal weinig kan worden gescoord

enzovoort

iedereen moet eens goed bij zichzelf te rade gaan en politieke programma's checken op wat onze populaire en populistische sprekende hoofden die bij Fatma, Bart, Pieter-Jan, Katleen en Ivan over de vloer komen over deze (en mogelijk nog andere) oorzaken van de verrechtsing te zeggen hebben

vorig jaar 307

11 februari 2025

Het is een eeuwigheid geleden dat het nog eens heeft gesneeuwd. Ik kijk om halfzes naar de bomen van het park, hoe hun takken een witte rand hebben gekregen, en ik zie in het licht van de anachronistisch archaïserende nieuwe verlichting van mijn heraangelegde straat de talloze vlokken door de lichtbundels dwarrelen. Nog twee uur te gaan vooraleer ik met de fiets door de dan alweer smeltende blubber naar het station kan rijden, om daar de trein naar Brussel te nemen: ik moet op mijn werk passeren om daar op mijn laptop een update te laten uitvoeren en om acte de présence te geven op een informatiesessie (…). Ik maak er wat informele praatjes met een paar collega’s die ik nauwelijks ken en ook met de zeer vriendelijke B. Het telefoontje van de IT-dienst, om te melden dat mijn laptop klaar is, komt onverwacht vroeg: een mooi alibi om me uit de infosessie te verwijderen. Ik verdwijn als een dief in de nacht: laptop ophalen op de zesde verdieping en dan, na een korte aarzeling, toch maar niet terug naar de sessie, maar wel linea recta naar het station en naar Brugge, waar ik de rest van de dag, tot iets voor acht, thuiswerk.




*

(…)

*

M vertelt hoe X in het begin van de avond nog zeer vriendelijk was en haar het gevoel gaf te luisteren naar wat ze te vertellen had, maar dat hij na verloop van tijd, en naarmate de drank meer in de man was, vooral oog had voor haar decolleté, waardoor zij het gevoel kreeg dat hij haar objectiveerde. F haalt naar aanleiding van dit verhaal een anekdote boven over Y: hoe Z (…) zich had laten meetronen naar diens appartement. Y was naar de keuken gegaan om voor Z een gekoeld fris wijntje op te halen en was daar, een dienblad voor zich uit balancerend, wat hij goed kon want hij was jarenlang cafébaas geweest, piemelnaakt van teruggekeerd. Iemand in het gezelschap vroeg of F wist of Y het dienblad op zijn vlakke hand droeg. Maar ernstiger: moet een vrouw die met een alleenstaande man (…) meegaat naar diens appartement zich aan dergelijke fratsen verwachten?

*

(...)

7832

Oostende - 260206


dinsdag 10 februari 2026

vorig jaar 306

10 februari 2025

Het zeer vroege opstaan wordt steeds problematischer. Ook vandaag zit ik alweer om halfvijf aan mijn bureau te lezen met een kop koffie. Dan kruip ik nog wel eens een halfuur of zo terug in bed, maar dit stramien is zich aan het vastzetten. Of het gezond is, durf ik te betwijfelen.

*

(…) de passages over ‘Charlotte’: de intrede in de keuken, de Agastoof. Ik schrijf slordig en snel. Het kost me moeite om me te concentreren.

*

Tijdens onze leesclubbijeenkomst over De erfenis van het verlies van Karin Desai zijn we unaniem: dit is geen goed boek. Gelukkig moeten we toch een paar keer lachen. W maakt een uitweiding over Bob Dylan. Diens Nobelprijs was meer dan terecht. Een song als ‘Blind Willy McTell’ heeft volgens W een zeer hoge literaire kwaliteit. Andere namen die tijdens ons gesprek lovend naar voren worden geschoven zijn: Tim de Wit, de ‘ted talks’ van Ken Robinson, het boek Nationalisme van Eric Storm, en dan ook nog Colson Whitehead (ik vergat de titel op te schrijven), en Een bocht in de rivier van V.S. Naipaul, dat ik nu toch dringend eens moet lezen. [Is nog altijd niet gebeurd.] L maakt, in tegenstelling tot de alarmerende berichten vooraf, een redelijk alerte indruk. Zijn verzoek om het vooral niet over zijn gezondheidstoestand te hebben wordt respectvol ingewilligd.

*

(…)

*

(…) een lange telefoon van S. (…) We spreken af om samen eens naar Huise te gaan, om M te condoleren bij het overlijden, op 90-jarige leeftijd, van haar moeder. Een andere dode, ook vandaag maar wel jonger, is P.B. Ik verneem het van X. In diens bewoordingen schemert iets door van zelfgekozen. P had in elk geval al zeer lang een moeilijk leven.

7831

Brugge, Karel de Floustraat - 260204


maandag 9 februari 2026

vorig jaar 305

9 februari 2025

Jasper van het Groenewoud brengt met ‘Dit is mijn verhaal’ in de foyer van de Stadsschouwburg een lezing, of eerder een causerie, over hoe het is om als zoon van een beroemde vader op te groeien. Vader, moeder en broer zijn niet aanwezig, wat een element van ontwrichting aan de voorstelling toevoegt, hoezeer Jasper ook zijn best doet om met vrolijke toon en onderkoelde humor en spitsvondige meta-witzen een tegengestelde indruk te wekken. Dat geeft de voorstelling een pijnlijk, ongemakkelijk randje. We weten dat Raymond geen gemakkelijke mens is, maar met enkel wat anekdotiek over (…) wordt de existentiële verhouding tussen de graag – naar eigen zeggen – ontevreden vader en de duidelijk emotioneel verwaarloosde zoon (…) niet ontmijnd. (…)




*

(…)

*

De gelukkigste jaren van de mensen. Door de enthousiaste aanbeveling van Elisabeth Francet op Facebook waren ook hier mijn verwachtingen hoog, maar ik vind het boek bijwijlen nogal verward. Ik kan me niet van de indruk ontdoen dat dit postume werk onafgewerkt op de wereld-na-Kayzer is losgelaten. Onvoldaanheid heb ik ook bij de Mijmeringen van Godfried Bomans, dat ik ben beginnen te lezen nadat een artikel over de pas verschenen biografie van Gé Vaartjes mij onder ogen kwam. Ik lees een stukje, ik lees een tweede, maar dan begint het jolige toontje me al tegen te staan en doorzie ik het mechanisme van antinomie en hyperbool uit Bomans’ trukendoos.


7830

Brugge, Ezelstraat - 260204


zondag 8 februari 2026

vorig jaar 304

8 februari 2025

Opgestaan met een zwaar hoofd en lichte hoofdpijn. Opnieuw voornemens, zoals elke ochtend wanneer ik met een zwaai mijn te zware lichaam uit mijn bed draai en, zittend op de bedrand, mijn voeten in mijn pantoffels steek. ‘Bedrand’ – daar heeft Wim Kayzer het in De gelukkigste jaren van de mensen ook over. Hoe hij, zittend op de rand van zijn bed ‘wezenloos voor zich uit’ zit te staren.

*

Tijdens het opruimen van het boeltje van gisterenavond luister ik naar een aflevering van Voorproevers. Het gaat over woonzorgcentra en dus ook over oud worden en hoe het leven er dan zal uitzien. Ik kan mij er geen voorstelling van vormen, eigenlijk weiger ik eraan te denken en schuif ik het voor me uit, zoals ik dat al mijn hele leven heb gedaan.

*

De kater is, bestookt met twee dafalgans, al grotendeels verdreven wanneer ik in de namiddag met P een openhartig gesprek heb over alcoholgebruik. P staat al vijf jaar volledig droog. Wie meer dan tien eenheden per week inneemt, en er niet in slaagt om twee dagen per week niet te drinken: dat is zijn definitie van een alcoholicus. (…)

*

Shendy Gardin praat in De Brug over moderne kunst in de publieke ruimte en hedendaagse architectuur in Brugge. Haar wat schoolse overzicht wordt zeer helder en welbespraakt gebracht – ik erger me alleen maar aan het consequent door elkaar haspelen van de betrekkelijke voornaamwoorden ‘die’ en ‘dat’. Correctie, het is geen door elkaar haspelen, het is een volledig verdringen van ‘dat’ door ‘die’, een fout die zich vanuit West-Vlaanderen heel snel over heel Vlaanderen aan het verspreiden is. (…)


Moderne architectuur te Brugge:
de nieuwe inkom van het Gruuthusemuseum.


*

(…)

*

Vierde aflevering van de documentaire over Mobutu. De zielige afgang van de dictator. ‘Après moi le déluge’. Mocht de man niet vroegtijdig dood zijn gegaan aan zijn prostaatkanker, die hij weigerde te laten behandelen, hij zou waarschijnlijk zijn gelyncht. Nu is hij nog bijtijds, samen met fortuin en familie, het land kunnen ontvluchten. Maar wat een puinhoop heeft hij achtergelaten. De inval, overigens, van Rwanda in Oost-Congo, een conflict dat nu in alle hevigheid is losgebarsten, voor zover het Congolese leger niet resoluut op de loop gaat, was toen, dertig jaar geleden, al volop bezig.

*

De brochure Leve het goede leven! van Johan Braeckman[, die ik meegriste uit het vrijzinnig centrum De Brug] brengt in eenvoudige taal een summier beeld van wat humanisme inhoudt. Ik ben blij erin te lezen dat een goede humanist ook dierenwelzijn belangrijk vindt (al staat de mens wel ‘centraal’), en dat het niet de bedoeling kan zijn anderen tot het humanisme te bekeren. Pluralisme en verdraagzaamheid!


7829

260205


zaterdag 7 februari 2026

vorig jaar 303

7 februari 2025

Na de boodschappen drie uur gewerkt in de keuken: het grootste deel van de dag staat in het teken van het eerste van de vier etentjes (…) die ik heb belegd (…). Op het menu staat coq au vin. (…) de opeenvolgende werkzaamheden: het schillen van de aardappelen voor de puree; het bereiden van de puree; het blancheren en vervolgens bakken van de spekreepjes; het schillen en bakken van de ajuinen; het bakken van de champignons na deze eerst te hebben gekuist, gesneden en gekookt in zout water; het schroeien van de stukken kip; het samenvoegen van de hele zwik, behalve de puree dan, in één pot. Ik doe dat graag. De avond zelf is een succes. Het onuitgegeven gezelschap kan het goed met elkaar vinden. J is thuisgebleven omdat hij ziek is. Ik krijg lof voor mijn coq. M lust geen puree. Er wordt stevig gedronken. Iedereen schikt zich gewillig naar de tekstfragmentenformule. M leest een stukje voor uit Moederland van Charlotte Perkins Gilman, een feministe uit de jaren dertig. D koos de openingszinnen van Humbling, de laatste roman van Philip Roth, over een acteur die beseft dat hij de magie kwijt is. N heeft een gedichtje van een van haar kleinkinderen meegebracht. F koos een fragment uit De laatste woorden van Leo Vekeman van Yves Petry. En zelf koos ik voor het titelverklarende fragment op de bladzijden 45-46 van De gelukkigste jaren van de mensen van Wim Kayzer, dat ik nu aan het lezen ben. Tijdens het aperitief hadden we een geanimeerd over woke en de (kunstmatige) ingrepen in ons taalgebruik. Enkele zinnetjes nog die ik in de loop van de zeven uur durende avond heb genoteerd: ‘Ik heb een drielobbige prostaat’ (D); ‘Dat zou een goede titel voor een roman zijn: De drielobbige prostaat’ (F); ‘Toen de paus aankwam, ontplofte onze tv’ (M); ‘De neohomo was een zakzeiker’ (F); ‘Hij had een louis d’or’ (N), aangevuld door F met ‘Er mag een strik rond’ (er was nog een derde uitdrukking voor iemand die goed in bed is, maar die is me ontgaan); ‘De mooiste openingszin staat in Omega minor’ (D). Ik ga die openingszin meteen opzoeken: ‘Im Aufgang war die Tat.’



*

Ik kreeg vandaag een vriendelijke reactie van W op het briefje dat ik hem na mijn eerder opgestuurde exemplaar van Vaderader stuurde. Hij zal het zeker lezen en er dan op reageren. [Is tot op heden niet gebeurd.]




7828

Brugge, Filips de Goedelaan - 260203


vrijdag 6 februari 2026

vorig jaar 302

6 februari 2025

Het parlement debatteert veertig uur lang over de regeerverklaring. Onafgebroken. Iedereen vindt dat absurd. De camera’s zoomen gretig in op gapende volksvertegenwoordigers, op volksvertegenwoordigers die in slaap vallen, op volksvertegenwoordigers die de pers halen omdat ze een plaspauze inlassen. Maar toch gaat deze poppenkast gewoon door. Iedereen zegt dat het anders moet, maar de volgende keer zal het precies zo gaan. Mijn gedachten gaan uiteraard uit naar het parlementspersoneel, niet het minst de verslaggevers, die dit achter de schermen allemaal in goede banen moeten leiden.

*

(…)

*

(…)

*

De restauratiewerken aan het grote huis achter mijn woonst worden eigenlijk aangevat. Het huis heeft minstens vijf jaar staan verpieteren. Alleen al het bouwen van de stelling rondom vergt drie werkdagen. Nu zijn ze met de hogedrukspuit de gevels aan het reinigen en al het losse cement van tussen de bakstenen aan het verwijderen. Ook de gammele schoorsteen, die als pleisterplaats en uitkijkpost voor duiven en als tussenlandingsbaan voor kauwen fungeerde, wordt aangepakt. Ik vraag me af of die vogels na de werken naar hun plek zullen terugkeren.