POËZIE
Pierre Plum vraagt wat poëzie is. Ook na twaalf jaar voor een poëzietijdschrift te hebben gewerkt weet ik het niet. ‘Poëzie is wat je poëzie noemt’ is een onbevredigend antwoord. Zoals kinderen zeggen: ‘Al wat ge zegt zijt ge zelf.’ In mijn leesclub zegden de dames van een boek dat ze graag hadden gelezen dat het zo ‘poëtisch geschreven’ was. Ook al betrof het proza. Poëzie ontstaat waar twee uiteenlopende registers op muzikale wijze botsen – en als je goed luistert hoor je de ongehoorde en onherhaalbare klingklang. Poëtisch is in vele gevallen de immer vruchteloze poging om poëzie te definiëren.