25 januari 2025
Eindelijk is het eens geen grijs en nat weer, en dus maak ik een ritje met de fiets – nog niet met de koersfiets, maar met de gewone fiets. Mijn gewone parcours voor korte ritjes: langs het kanaal naar Oostende, tot in Nieuwege, over de brug en dan terug, langs de hoeve waar vroeger A woonde, tot bijna in Houtave, dan rechtsaf door het bosje, tot bij de witte kapel van Meetkerke, daar rechtsaf tot aan het bruggetje, nog eens rechtsaf, langs de molen en terug tot aan het kanaal, links en Bruggewaarts, tot aan de nieuwe fietsbrug, waar ik oversteek, om langs de roeiclub weer in Kristus-Koning aan te komen. 19 kilometer. Tussen de molen en het kanaal zie ik dat twee prettige blikvangers de voorbije winter verdwenen zijn: het raam met de poster ‘My home is where my books are’ en voor het hoevetje waar X woonde de vijf metalen stoelen met de boodschap, op elke stoel een woord geschilderd: ‘Hier kan je even zitten’. [Soms stonden die stoelen niet in de juiste volgorde en stond er bijvoorbeeld: ‘Je zitten even kan hier’.] Onderweg bedenk ik dat ik dezer dagen erg weinig mensen te zien krijg. En omdat wanneer de berg niet naar Mozes komt Mozes naar de berg moet gaan, besluit ik een uitnodiging te sturen naar mijn vrienden (…). Ik vraag hun enkele data op te geven alsook een keuze te maken uit mijn culinair repertoire: vleesbroodje, coq au vin, spaghetti, vis, hamrolletjes… De bedoeling is om de antwoorden op deze enquête te matchen en op die manier in de maanden februari en maart twee of drie etentjes te beleggen. (…)
*
Ik verbaas me over de zeer matige kwaliteit van Cyriel Buysses essays. Zijn opstellen over Emile Claus, Maurice Maeterlinck en Emile Zola halen niet veel meer dan een schools niveau. Dan zijn de stukken van Cyrille Offermans in Midden in het onbewoonbare, zonder daarom highbrow te zijn, toch heel wat beter. Bewonderenswaardig hoe die man zeer gedisciplineerd zijn werkzaamheden als intellectueel bijhoudt en na een jaar een boek van zeshonderd bladzijden kan voorleggen. Ik ben ook bezig met De erfenis van het verlies van Kiran Desai. Die roman lijkt het vooral van couleur locale te moeten hebben.
